:: Roller Coaster Trip USA 2006 ::

New York - Washington - Williamsburg - Cincinnati - Sandusky - Toronto - Ithica - New York

19 juli 2006

Printversie beschikbaar!

Op verzoek is het reisverslag nu ook als PDF te downloaden. De dagen staan nu in de juiste volgorde.

Uiteindelijk zal het reisverslag samen met de foto's op onze Website geplaatst worden. Tot die tijd veel leesplezier!

:: Download Printversie reisverslag ::

18 juni 2006

Dag 23 – Aankomst Nederland

Het begon ondertussen weer licht te worden buiten. Lichaamlijk gezien stond de klok op 01.30 uur, maar aangezien we boven Ierland zaten, was alweer 05.00 uur in de ochtend. We hoefden nog maar anderhalf uur te vliegen. Om 07.00 (eindelijk zaten we in de Nederlandse tijdzone) begon de landing en om 07.31 landden we op Schiphol.
Nadat we de koffers gehaald hadden liepen we naar de infobalie van NS. Er reden namelijk geen treinen naar Utrecht en omrijden was geen optie. NS had bussen ingezet van Schiphol rechtstreeks naar Utrecht. Dit was een goed half uurtje rijden en om 09.30 zaten we in de trein naar Den Bosch.
Daar stonden mijn ouders me op te wachten. Heelijk om die ook weer te zien. Mijn moeder had ook mijn Suzuki Alto meegenomen en ik mocht daar weer mee naar huis rijden. Dat was wennen zeg. Ik zat behoorlijk laag en ik moest ook weer schakelen!
Eenmaal thuis na een kopje koffie gingen we meteen onze katten bij het pension ophalen. Wat had ik die gemist zeg. Eenmaal weer thuis zijn we rond 14.00 uur in slaap gevallen. Eigenlijk was dit niet goed voor de Jetlag, maar we hielden het echt niet meer vol.

Statistieken


Pretparken : 11
Achtbanen : 60
Gereden kilometers : 4624
Staten : 10

17 juni 2006

Dag 22 – Terugreis naar Nederland

De wekker liep pas om 9 uur af en hierdoor hebben we heerlijk uitgeslapen. Mijn hoofdpijn en nekpijn waren weg, maar ik had nog wel steeds wat last van m’n keel. Gelukkig niet zo enorme last, waardoor ik eenmaal rond half 11 beneden goed van het ontbijt heb genoten. Nadat we de koffers ingepakt hadden, checkten we om iets voor 12 uur uit. In de auto bekeken we de route naar het JFK Airport. Dit zou ongeveer een uutje rijden zijn, maar we calculeerde ook de drukte bij New York erbij en hoopte om maximaal 15.00 uur toch bij JFK te zijn. Onderweg was het inderdaad wat drukker bij New York. Uiteindelijk parkeerden we onze auto om kwart over 2 bij National Rent-a-Car. Er stond een vrouw bij National en ze gaf aanwijzingen waar we precies moesten parkeren. Ze noteerde de benzinestand en verder hoefden we niets meer te doen. Alles was al betaald en de eerste benzinetank was inclusief, dus mochten we de auto zo leeg mogelijk inleveren. Dit was ons prima gelukt. Hij was nog maar één streepje van het rode streepje vandaan.
We liepen naar de Airtrain welke ons naar vertrekhal 4 bracht. Nadat we in de rij gingen staan om in te checken, zagen we dat er nog geen personeel aanwezig was voor KLM en hebben we een kwartier gewacht voordat de incheckbalie opende. Er liep een meneer langs onze rij en wees ons erop dat je met E-tickets ook gemakkelijk zelf kunt inchecken bij de doe-het-zelf apparaatjes. Daar hadden we zelf nog niet aangedacht. De meneer liep met ons mee en deed voor hoe het moest. Uiteindelijk heeft hij zelf ons ingecheckt en waren we zo dus lekker snel aan de beurt. Helaas was er geen plek meer vrij met meer beenruimte.
Nadat we ook onze koffers afgedropt hadden, keken we wat rond wat JFK te bieden had aan eettentjes. We kwamen uit bij Wok & Roll. We begonnen onze heenreis met chinees eten en zo eindigden we dus ook. Het smaakte heerlijk.
Iets verderop gingen we uitbuiken en Martijn pakte de laptop. Hij sloot het kaartje voor draadloos internet aan en tot onze verbazing waren er veel onbeveiligde draadloze netwerken. We maakten contact met het netwerk van Swiss Lounge en konden zo gratis draadloos internetten. We moesten immers nog 2 uur wachten voordat we mochten boarden, dus kwamen we zo prima onze tijd door.
Een half uur voor onze boardingstijd viel het internet van Swiss Lounge uit en uiteindelijk kregen we het ook niet meer aan de gang. We besloten maar om alvast naar de Gate te gaan. Bij de securitycheck was het redelijk drukjes, maar in een goed 10 minuten waren we ook daar doorheen. Bij de Gate hebben we een kwartiertje hoeven wachten voordat ze begonnen met boarden. Omdat we redelijk vooraan in het vliegtuig zaten, mochten we pas op het laatst boarden.
Ons officiele vertrektijd was 18.10 uur, maar dit werd veel later omdat het behoorlijk druk was op de startbaan. Pas om 19.00 uur zaten we in de lucht. Onderweg keken we twee films. De eerste was Failure to Launch. Een film met Sarah Jessica Parker. Ik vond hem erg leuk, maar Martijn vond hem te voorspelbaar. Is het niet zo dat dit soort romantisch comedies altijd zo voorspelbaar moeten zijn? De tweede film was Keeping Mum, een ‘very dark comedy’ met Rowan Atkinson. Deze film vond ik super! Na deze twee films was het nog maar anderhalf uur vliegen!

16 juni 2006

Dag 21 – Six Flags Great Adventure & Safari Park

’s Nachts werd ik wakker met ongelofelijke keelpijn. Ik heb hierdoor een tijdje wakker gelegen, maar uiteindelijk viel ik, tegen de ochtend uiteraard, weer in slaap. De wekker ging om 8 uur, maar stonden pas om 9 uur op. Ik voelde me enorm beroerd. Keelpijn, hoofdpijn, m’n nek voelde behoorlijk stijf aan. Na een aspro’tje liepen we naar beneden om van het ontbijt te genieten, alhoewel dit niet bij de prijs inbegrepen was. Maar voor 69 dollar per nacht hoorden je ons ook niet klagen. Voor 10 dollar per persoon kun je aanschuiven voor het ontbijtbuffet. En dit buffet was uitgebreid: wafels maken, verschillende soorten ontbijtgranen, yoghurtbakjes, vers fruit, bagels, boterhammetjes, jam, honing, kaas, worstjes, bacon en ga zo maar door. Je mocht zelfs aan de kok doorgeven hoe je je eitje wilde en dan mocht je zelf wat ingrediënten uitkiezen als champignonnetjes, tomaatjes, uitjes, kaas etc.
Aangezien ik niet zo’n honger had in verband met m’n keelpijn, hield ik het bij een geroosterd boterhammetje en een bagel. Ik baalde enorm, want alles zag er zo lekker uit. Gelukkig at Martijn mijn gedeelte van de 10 dollar op. Normaal lust hij ’s morgens niet zo veel, maar hij bleef maar doorgaan met eten. Prima hoor jongen, je moest tenslotte ook nog wat groeien he.
Rond 11 uur zaten we in de auto op weg naar Six Flags. Het was ongeveer een half uurtje rijden en reden om half 12 het parkeerterrein op. Het was al redelijk druk. We liepen naar de ingang en zagen dat het Safaripark van Six Flags tot 16.00 uur open zou zijn. Omdat ik gelezen had dat een forumgenoot ongeveer 3 uur over dat park had gedaan, besloten we als eerste naar het Safaripark te rijden, want voor een uurtje Six Flags en dan weer naar buiten hobbelen, vonden we een beetje onzin. Six Flags zelf was tenslotte toch tot 20.00 uur open. Alleen stonden we nu al op het parkeerterrein van Six Flags en in het Safaripark mocht je met je eigen auto er doorheen rijden. We wisten dus niet of we daarna weer moesten betalen (á 15 dollar) voor de parkeerplaats. We liepen daarom eerst even naar Guest Relations, maar voor we daar aan de beurt waren, waren we een goed half uur verder. Ik voelde me nog steeds niet optimaal, maar het ging al wel beter als die ochtend. Alleen de hitte hielp niet zo mee. Het was echt enorm heet. Het leek wel de heetste dag van onze vakantie.
Bij Guest Relations zeiden ze dat we gewoon ons parkeerbonnetje van die ochtend moesten laten zien bij het parkeerterrein en dan mochten we zo doorrijden. We liepen weer naar de auto en reden naar de uitgang. Gelukkig zat het Safaripark ernaast zodat we niet lang hoefden te rijden. We mochten met onze seizoenspasjes gewoon doorrijden en belandden al meteen in een grasveld vol herten, struisvogels en elanden. Omdat deze dieren gewoon los lopen, liepen er op een gegeven moment een paar elanden gewoon over de weg. Stapvoets reden we ze voorbij. Ze waren wel erg nieuwsgierig, want elke eland keek eventjes naar binnen. Het Safaripark bestond uit verschillende gebieden als Africa, Downunder en Zuid-Amerika. In het gebied Afrika liepen Giraffe rond en deze waren ook behoorlijk nieuwsgierig. Er ontstond een file van auto’s. De Giraffe wilden maar niet opzij. Heel voorzichtig reden we één voor één langs de Giraffe. Na een uur en een kwartier reden we het park uit. We vonden het prachtig! Alleen de Kingda Ka op de achtergrond vonden we wat minder. Dat haalde je meteen uit de Safarisfeer en hierdoor realiseerde je dat je niet in Afrika reed.
Om half 2 stonden we dan eindelijk in het Six Flags Park. We bekeken de plattegrond en zagen dat het park in twee stukken was gesneden. Links had je de Kingda Ka en de net geopende houtenachtbaan El Toro en rechts had je Nitro en Batman the Ride. We besloten als eerste naar links te gaan om Superman Ultimate Flight te gaan doen. Dit is een vliegende baan, alleen niet zoals in Geauga Lake eerst liggend, maar net zoals in Engeland meteen hangend. We liepen de rij in en zagen een bordje met de mededeling dat de wachtrij ongeveer een uurtje was. Dat viel op zich mee. Alleen de rij leek iets korter en we hoopte op een verkeerde mededeling. Helaas, leek het bordje wel te kloppen. Six Flags had twee treintjes ingezet, maar het laden duurde en duurde. Het treintje met mensen welke daarachter stond en dus net z’n rit gemaakt had, hing bijna 5 minuten te wachten. Leek me geen prettige stand om zo te wachten. Het was nog steeds enorm warm en ik voelde me nog steeds niet optimaal. De keelpijn was gelukkig al een redelijk weg, maar ik bleef me nog wel wat beroerd voelen. Toch bleef ik eigenwijs en wilde ik in de achtbanen. Na een drie kwartier wachten begon ik erg duizelig te worden. Het begon zwart voor m’n ogen te worden en ik zag bijna niets meer. Alleen vage puntjes. Het leek ook of het geluid zachter werd en m’n handen begonnen te tintelen. Ik riep tegen Martijn dat het niet goed met me ging en dat ik niets meer zag. Hij greep me vast en hield me stevig vast. Ondertussen lieten we de mensen voor gaan en vroegen of het wel goed ging met me. Na een paar minuten rustig ademhalen begon het weer iets lichter te worden voor m’n ogen, maar m’n handen waren helemaal verstijft en tintelde nog wel helemaal. Martijn begeleidde me naar de uitgang en liepen rustig naar een plekje in de schaduw om te zitten. Toen ging het gelukkig weer wat beter. Ik heb dit ooit eerder gehad zo’n 8 jaar geleden in de bus richting school. Toen werd ik misselijk van een wietlucht en viel het licht ook zo’n 5 minuten uit. Alleen hoorde ik toen wel gewoon goed. Het was een behoorlijk eng gevoel om gewoon ‘aanwezig’ te zijn, maar niets te kunnen zien. De dokter zei toendertijd tegen me dat het eigenlijk flauwvallen is, wat zich dan niet doorzet.
Als Martijn me niet goed vastgehouden had, was ik waarschijnlijk wel flauwgevallen. Puur door de warmte. Ik nam weer een aspro’tje en na een paar slokken water, ging het weer prima met me. Afgezonderd van m’n nek die nog wel wat stijf was.
We besloten om te gaan kijken wat de zogenaamde FlashPass kostte. Hiermee kun je een tijd reserveren voor een bepaalde attractie. De tijd die je krijgt is in principe dezelfde wachttijd als van de normale rij, alleen hoef je dan niet fysiek in de rij te gaan staan en kun je ondertussen iets anders gaan doen. Als de tijd aangebroken is en je komt terug bij de attractie, dan hoef je niet in de rij aan te sluiten en mag je via de rij van de FlashPass als eerste instappen.
Toen we bij de Guest Service aankwamen, bleek dat zo’n apparaatje 20 dollar kostte en met twee personen 30 dollar (15 dollar per persoon dus). Aangezien het inmiddels bijna 4 uur is en we eigenlijk nog vier achtbanen op ons programma hadden staan, huurden we het apparaatje en liepen naar de houten achtbaan El Toro. Deze baan was nog maar net 5 dagen open en daarom ook behoorlijk druk. Het apparaatje gaf aan dat we over 2.5 uur terug mochten komen. Omdat je in deze 2.5 uur geen andere attractie mocht reserveren, besloten we te gaan kijken hoe lang de wachtrij is bij Kingda Ka. Hier gaf het apparaatje een wachttijd van iets langer als 2 uur aan. Na wat rekenen besloten we de El Toro te reserveren en bij Kingda Ka in de rij te staan. Kwart voor 7 zouden we bij El Toro terug mogen komen en de wachtrij bij Kingda Ka zou ongeveer 2 uurtjes zijn. Het apparaatje berekende namelijk de tijd iets ruimer dan hij werkelijk was. We sloten aan in de rij bij Kingda Ka en we hoorden dat er een storing was. Omdat we El Toro en Kingda Ka toch echt als de twee toppers van het park beschouwen, besloten we gewoon te wachten op Kingda Ka en mochten we het niet halen voor kwart voor 7 dan Kingda Ka te laten en El Toro te doen.
Na 10 minuten begon Kingda Ka weer met wat testritten en na nog eens 5 minuten zagen we weer mensen in het treintje zitten. Uiteindelijk duurt het meer dan een uur voordat we in het stationnetje zijn. Martijn merkte op dat er maar met 2 treintjes gereden werd, terwijl Kingda Ka toch plek heeft voor 4 treintjes. Ze hebben namelijk aan de andere kant nog een stationnetje om te laden en lossen van mensen. Maar deze gebruikten ze niet. Ze maakte de twee treintjes gereed, beide reden naar voor om gelanceerd te worden en als pas alle twee de treintjes weer in het stationnetje waren, begonnen ze weer met laden en lossen van de mensen. Dit proces duurde minimaal 5 minuten. We vroegen ons af waarom Six Flags in godsnaam op een drukke vrijdag niet het andere stationnetje gebruikte. Na wederom een half uur wachten waren we bijna aan de buurt, maar gaf Kingda Ka weer een storing. Wederom stond Kingda Ka voor een kwartier stil. Een man naast ons merkte op dat hij niets snapte waarom Six Flags de hoogste en snelste achtbaan wil bouwen, maar de techniek daar niet voor heeft. Cedar Point heeft weliswaar niet – meer – de hoogste en snelste achtbaan, maar kan de drukte op een zaterdag prima aan! We ergerde ons dus ook enorm aan de traagheid van het personeel van Six Flags. Om 18.40 uur zaten we dan toch eindelijk in een karretje. We reden naar voren en stonden klaar voor lancering. Je hoorde een zoem en dan: werd je met een snelheid van 128 mijls per uur (204 kilometer per uur) gelanceerd, recht naar boven naar een hoogte van 139 meter, over het heuveltje en weer recht naar beneden. Ofwel de Top Thrill Dragster in Cedar Point, alleen dan 8 mijl per uur harder en 10 meter hoger. Het enige verschil van baan is dat de Kingda Ka ook nog een leuk heuveltje aan het eind heeft welke behoorlijk veel airtime met zich meeneemt. Ik vond de rit erg leuk, maar merkte niets van het verschil qua hoogte of snelheid. Mede dankzij het personeel van Cedar Point en soepelheid van de Top Thrill Dragster, vind ik deze laatste toch echt beter.
Snel liepen we naar El Toro, maar daar bleken ze een heel uur lang een storing te hebben gehad. Er stond een behoorlijke wachtrij en ook de rij voor de Flass pass was aan de lange kant. We zagen dat El Toro maar met één karretje reed. Eigenlijk verbaasden ons dit helemaal niet meer.
Omdat het apparaatje van Martijn aangaf dat het batterij’tje bijna leeg is, hoopten we dat ze er niet over zouden gaan zeuren, mocht het apparaatje geheel uitvallen. Gelukkig bleef het apparaatje het nog prima doen en mochten we na een uur wachten tot in El Toro. De baan is geweldig, het is alleen geen houten achtbaan zo. De rails is zo enorm soepel, het karretje schud totaal niet waardoor ik vind dat het zijn status van houten achtbaan niet verdiend. Een houten achtbaan mag namelijk best schudden, dat hoort er bij! Niet te veel alsjeblieft, maar wel iets. Vooral de laatste bochten gingen zo soepel. Het leek alsof je in de bobbaan van de Efteling zit. Maar nogmaals, de rit zelf was natuurlijk wel erg leuk.
Na de rit was het nog maar kwart voor 8 en was het park dus nog een kwartier open. We gingen snel naar de Superman Ultimate Flight en zagen dat men nog in de rij mocht gaan staan. Uiteindelijk stapten we om één voor 8 het karretje van de Superman in. De baan zelf was niets vergeleken met Air in Engeland. De eerste drop was leuk en vooral de looping vonden we er leuk, maar daarna vonden we hem erg saai. Na de looping zigzagde de baan alleen maar en met een kurkentrekker op het laatst heeft deze baan dus maar twee loopings.
Nadat we deze baan gedaan hebben, kwamen we tot de conclusie dat we Six Flags eigenlijk helemaal niet leuk vonden. Misschien kwam het ook doordat ik die dag wat ziek was, maar na een bezoekje aan Cedar Point scoorde Six Flags geen hoge punten qua personeel.
We liepen nog wat rond door het park en beseften dat we de andere kant van het park nog helemaal niet gezien hadden. We liepen langzaam die richting op, maar onderweg werden we verzocht door de bewaking om richting de uitgang te gaan lopen.
Om kwart voor 9 zaten we weer in de auto richting ons Marriot Hotel. Ik besloot om meteen onder de deken te kruipen en nadat Martijn ook uit geinternet was, sliepen we rond een uur of 11.

15 juni 2006

Dag 20 – Watkins Glen State Park

Het ontbijt was tot 10.00 uur, dus we sliepen een klein beetje uit. Om half 9 ging de wekker en om half 10 zaten we aan het ontbijt. Het mocht dan misschien niet het beste hotel zijn welke we deze vakantie hebben gehad, maar het ontbijt smaakte heerlijk. Bij het ontbijt kon je namelijk je eigen wafels maken. Rond kwart over 10 zaten we in de auto richting het Watkins Glen State Park. Dit was een goed drie kwartier rijden naar het Noorden. Onderweg kwamen we loeiende sirenes van een paar politieautos en een ziekenwagen tegen. Ze reden allemaal het straatje in waar wij toevallig ook heen moesten. Iets verderop stopten ze bij een huis en dit werd net afgezet. Zou er een schietpartij of iets dergelijks gebeurd zijn? We besloten hier maar niet de rampentoerist uit te gaan hangen en reden verder. De autoreis duurde uiteindelijk iets langer dan drie kwartier, omdat we een behoorlijke tijd achter een soort van graafmachine hebben gereden.
Bij de hoofdingang van Watkins Glen S.P. kregen we een plattegrondje uitgedeeld. Hierop stonden verschillende routes uitgestippeld welke je kan lopen. Gorge Trail was de populairste trail, omdat deze je ook langs de vele verschillende watervalletjes leidde. We besloten daarom ook deze trail te gaan lopen. Het beloofde ons een leuke wandeling van 1.5 mijl ( = 2,4 kilometer) en 800 treden naar boven (maar gelukkig niet alle 800 na elkaar).
De weg begeleidde ons inderdaad langs verschillende watervalletjes en precies langs de rand van het naar beneden kletterende water. We vonden het prachtig. Na een goed anderhalf uur waren we boven bij de Upper Entrance. Volgens het bordje wat beneden hing, beloofde ze ons een shuttlebusje weer terug naar de hoofdingang. Maar helaas, dit busje reed alleen in de weekenden. Na een bezoek aan het toilet besloten we om maar weer terug te lopen. Gelukkig was dit trapafwaards en ging het een stuk sneller. In nog geen half uur stonden we weer bij de auto. We bekeken het bonnenboekje van de hotels en we besloten als eerste naar een Best Western te rijden. Deze lag namelijk het meest al in de richting van New York en van hieruit was Six Flags Great Adventure ook maar een goed half uurtje rijden.
We namen een slok water en reden aan. Het was tenslotte een hele reis, namelijk een uur of 4 á 5 rijden. Onderweg zagen we dat de staat New York ook een mooi natuurrijke staat was en reden we via Pennsylvania de staat New Jersey binnen. Op het bonnetje van Best Western stond dat ze ook een IHOP (International House of Pancakes) in de buurt hadden en we kregen enorme trek in hun lekkere pannenkoeken.
Onderweg kwamen we langs een Wine & Spirits winkel en besloten hier een kijkje te nemen. De winkel was erg groot en had veel verschillende soorten uit verschillende landensteken. We kochten een fles rode wijn uit Australië en een bakje nootjes.
Eenmaal aangekomen bij het hotel zagen we dat het parkeerterrein behoorlijk leeg was. Dat was een goed teken. Op het bonnetje stond 59 dollar, dus besloten we dat we voor de tweede nacht niet meer als 79 dollar wilden betalen. We kwamen binnen en werden al meteen geconfronteerd met twee giebelende meisjes. Na de vraag of er nog een kamer was ging giebelmeisje #1 druk kijken in haar computertje, maar giebelmeisje #2 schudde van ‘nee’ tegen giebelmeisje #1. Ze hadden nog maar één kamer over. We vroegen ons af hoe dit kon, bedoel het parkeerterrein was praktisch leeg, maar blijkbaar waren alle gasten nog niet ‘thuis’. We lieten ons bonnetje zien. Giebelmeisje #1 keek wat zenuwachtig naar het ander giebelmeisje en zij vertelde meteen dat ze die avond geen bonnetjes aannam, aangezien er vast nog wel iemand kwam die de kamer wilde hebben voor de normale prijs (69 dollar).
We hadden geen zin om verder te gaan vragen en liepen weer richting de deur. We waren de deur nog niet uit, of de giebelende meisje gingen weer rustig verder waar ze mee bezig waren: giebelen!
Ondertussen hadden we al wel honger gekregen en zin in wat pannenkoeken. De IHOP was buurtjes van het Best Western hotel, dus besloten we eerst hier maar wat te gaan eten. Het was tenslotte alweer bijna 20.00 uur. Martijn bestelde een pannenkoek met banaan en ik bestelde een pannenkoek met kaneel en appel. Nu hebben ze in Amerika niet de pannenkoeken die wij in Holland kennen: namelijk één grote pannenkoek. Nee, in Amerika maken ze allemaal kleine pannenkoekjes en zo zaten we ieder met een stuk of 5 kleine pannenkoekjes als een soort van bloemvorm op elkaar gestapeld. Erg lekker.
Nadat we uitgegeten waren, keken we weer verder in ons bonnenboekje en zagen een Courtyard Marriot Hotel voor 69 dollar per nacht. Een Marriot hotel voor 69 dollar? We besloten de gok te wagen en reden er in een kwartiertje heen. Het zag er echt enorm sjiek uit!
We vroegen of ze nog kamers hadden en wat de kosten waren. De normale prijs was 179 dollar per nacht! Martijn en ik keken elkaar een aan en Martijn zei: “hm, dan zult u zeker dit soort bonnetjes niet aannemen?” De receptioniste had het bonnetje nog niet gezien of ze riep al meteen: oh jawel hoor! We kregen dus een kamer met een King-bed voor 69 dollar per nacht. Omdat dit soort bonnetjes maar één nacht geldig waren, zeiden we tegen elkaar dat we morgen dan wel een ander hotel zouden zoeken. De receptioniste keek ons aan en vroeg of we misschien nog zo’n boekje hadden, want zo konden we met een ander bonnetje ook de tweede nacht voor 69 dollar slapen. Martijn en ik keken elkaar aan of we dit wel goed begrepen. Maar we begrepen het prima! Het hotel was nog maar net geopend, dus wilden ze natuurlijk met dit soort acties klanten werven. Prima hoor, ons hoorden je niet klagen. We haalden onze koffers op en schoten in de lach. Twee nachten voor 69 dollar per nacht in plaats van 179 dollar per nacht? In een Marriot Hotel? Wat een super relaxt einde van onze vakantie!
Toen we in onze hotelkamer kwamen vielen we bijna om van verbazing. Alles was zo netjes en sjiek. Een enorm groot bed met enorm lekkere kussens.
We schonken meteen de wijn in en toasten op een relaxt einde van de vakantie. Op de TV keken we de film Goldfinger en hierna kwam er nog een Bondfilm, namelijk Moonraker. Ik merkte alleen wel dat ik wat pijn in m’n keel begon te krijgen. We gingen daarom niet al te laat slapen en de wekker zetten we op 8 uur.

14 juni 2006

Dag 19 – Niagara Falls

De wekker ging erg vroeg, namelijk kwart voor 7. Na twee keer snoozen, sprongen we snel onder de douche en pakten we onze spullen in. We checkten uit en gingen ontbijten bij Bob Evans. Om iets voor half 9 stonden we bij Bob Evans voor en dat was ook meteen voor het Visitor Center van de Grey Line Tours. De bus stond er al en we stapten in. Er zaten nog twee andere stellen in de bus en we reden verder naar andere hotels om zo nog een paar stellen op te halen. Toen we helemaal compleet waren, reden we als eerste naar de Whirlpool. Hier was de snelste stroming van de Niagara River.
De volgende stop was Cave of the Winds. Hier kregen we sandalen en een gele poncho (volgens de tourguide eigenlijk gewoon een vuilniszak met een gat erin) uitgedeeld. Met de lift ging je naar beneden. Qua hoogte zaten we nu op de helft van de Amerikaanse waterval. Via een paar bruggetjes werd je naar de waterval begeleid. Het was maar goed dat we onze ponchos aanhadden, want hier werd je behoorlijk nat. Voornamelijk van wat “motregen”, maar hier kon je goed doorweekt van worden. Dit was echt een leuke ervaring! Toen we weer boven stonden, liepen we naar Luna Island. Dit was precies boven de waterval. Toen we naar beneden keken, zagen we waar we nog geen vijf minuten geleden stonden. Er was inmiddels een nieuwe groep beneden en zo konden we goed zien hoe nat je eigenlijk werd.
Hierna reden we naar een restaurantje waar we even konden bijkomen met een kopje koffie en we bezochten we de 4D movie ‘The Legends of the Niagara Falls’.
Onze volgende stop was een tochtje met de ‘Maid of the Mist-boot’. Wederom kregen we ponchos uitgedeeld, ditmaal een mooie blauwe. Als een stel smurfen stonden we op de boot. We vaarden via de Amerikaanse waterval naar de Horseshoe Falls. We vaarden bijna het mistgedeelte in van de watervallen, maar echt letterlijk er doorheen varen kon natuurlijk niet. Dit zou te gevaarlijk zijn. We werden wel een beetje nat, maar niet natter als bij Cave of the Winds.
Eenmaal van het bootje af, liepen we nog wat rond en maakten foto’s. Toen we weer terug bij de bus waren, dropten de chauffeur/tourguide iedereen weer af bij de hotels en zo stonden we om 14.05 uur weer bij onze auto welke nog steeds geparkeerd stond bij Howard Johnson.
Op de planning stond een nachtje logeren in Ithaca. Vanuit hier waren de parken van de Finger Lake Region goed te bezoeken. We keken in ons bonnenboekje en zagen dat er maar één hotel in Ithaca was. Deze was ook nog eens behoorlijk duur. Maar liefst 99 dollar per nacht. We keken iets verder en zagen een Econo Lodge Hotel in Elmira voor 59 dollar. Een plaatsje ten zuidwesten van Ithaca. Vanuit hier was Watkins Glen State Park goed te bereiken welke we een dag later graag zouden willen bezoeken. Op onze planning stond ook de Treman State Park, maar we gokten dat we hier geen tijd meer voor hadden.
Op de Tom Tom stelden we het adres in van het Econo Lodge Hotel en hij gaf aan dat dit iets langer als drie uur rijden zou zijn.
Na ongeveer anderhalf uur rijden stopten we om te tanken en iets te eten. Het werd dit keer een hamburger van de Burger King. Dat ging er erg goed in. Na wederom een half uurtje rijden kwamen we aan bij het Econo Lodge hotel in Elmira. We liepen naar binnen en de dame achter de balie melden ons dat er nog maar één kamer vrij was. Dit was een rokerskamer met een dubbelbed. We lieten het bonnetje zien, maar ze vertelde ons dat ze deze kamer makkelijk voor de normale prijs zou kunnen verhuren, namelijk 69 dollar. In eerste instantie hadden we een ‘nee-gevoel’, maar we vroegen of we eerst de kamer mochten bekijken. Helaas was er wel iets van de rook te ruiken, maar aangezien er verder geen hotels in de buurt waren uit ons bonnenboekje en we eigenlijk ook geen zin hadden om verder te kijken, zeiden we toch ja.
We hebben meteen de airco aangezet en de reuk ging redelijk weg. Na een tijdje rook je het eigenlijk niet echt meer. Het enige waar we mee zaten is dat er te weinig stopcontacten waren. We trokken er een stekker uit van een lamp omdat we dachten dat deze lamp toch stuk was, maar het bleek dat het stopcontact stuk was. We vroegen de receptioniste om hulp en zij verwees ons naar de stopcontacten achter de TV. Hier was er nog eentje vrij. Toen ze weg was probeerde we onze eigen verloopstekker in te pluggen, maar doordat de stekker van de TV in de weg zat, paste onze stekker niet. Aan de andere kant waren ook nog twee stopcontacten, maar deze waren ingebruik door de koelkast en de magnetron. We trokken de stekker van de magnetron uit en deden hier onze eigen stekker in. Dit werkte prima! Helaas was er nu nog één probleem en daar kon de receptioniste ook niets aan doen. De kraan lekte. Hierdoor ontstond een enorm irritant drupgeluid. Ik hoopte dat ik daar ’s nachts geen last van zou hebben, maar met de badkamerdeur dicht, werd het geluid al aardig minder. Ondertussen hadden we honger gekregen en naast Econo Lodge zat het restaurantje ‘Applebees’. Op internet bekeken we het menu en dat zag er prima uit. Na een kleine zapronde op tv en de fora op internet liepen we naar Applebees. Het was behoorlijk druk, maar er waren gelukkig nog wel een paar plaatsen vrij, zodat we meteen mochten plaatsnemen. Martijn bestelde een Crispy Orange Chicken Bowl en ik Three Cheese Chicken Penne Pasta. Bij Pasta hoort wijn, dus bestelden we ieder een glas rode wijn. Het eten smaakte echt verrukkelijk. Martijn vond zijn Orange Chicken ook ontzettend lekker, alleen vulde het wel enorm. Aangezien we een magnetron op de kamer hadden, vroeg Martijn een doosje om het mee te nemen.
Nadat we Martijns Orange Chicken in koelkast in onze hotelkamer hadden gelegd, liepen we naar het winkelcentrum naast het hotel. Martijn had namelijk vanuit de auto gezien dat ze daar een Petco Dierenwinkel hadden. Ofwel: leuke speeltjes voor onze Oliver en Tibbe! Ik moet zeggen, ik mis onze katjes wel, maar ik heb er geen naar gevoel bij. Ik weet dat ze zich prima vermaken in het kattenpension. Maar een cadeau’tje uit Amerika is natuurlijk wel verplicht!
We kochten een paar speeltjes en een pot kattensnoepjes.
Na deze aankopen bedachten we dat het misschien wel lekker zou zijn om een fles wijn te kopen. We zagen dat tegenover de Econo Lodge nog een winkelcentrum was met een Wal-Mart. Bij de Wal-Mart zouden ze toch wel wijn hebben, bedoel daar hebben ze immers alles. Maar helaas, we grepen mis. Bij navraag aan een medewerker verwees ze ons naar de Tops, de supermarkt daarnaast of anders tegenover bij het winkelcentrum. Daar zat vroeger een wijnwinkel, maar of die er nu nog steeds zat wist ze niet.
Eerst naar Tops, maar daar hadden ze alleen ongealcoholiseerde wijn. Tja, dat was natuurlijk niet de bedoeling! Toen liepen we weer terug naar het ander winkelcentrum en zagen dat er inderdaad op de hoek een ‘Wine & Spirits’ zat, maar we waren net te laat. De meneer achter de toonbank was de kas al aan het opmaken. Het was namelijk drie over negen en de winkels sloten om 21.00 uur. Helaas, geen wijn.
We liepen weer terug naar onze hotelkamer en kwamen tot de conclusie dat zo’n wandelingetje eigenlijk best lekker was. Buiten was het nog redelijk zwoel.
Op de kamer keken we wat tv en Martijn at zijn Orange Chicken op (eerst stekkertje omgewisseld met die van de TV uiteraard). Nadat het programma Mindfreak met Criss Angel (over goochelen) afgelopen was gingen we lekker slapen.

13 juni 2006

Dag 18 – Toronto & Niagara Falls by Night

Om kwart voor 9 ging de wekker en om kwart over 9 stond ik onder de douche. Nadat Martijn ook gedoucht was, pakten we onze koffers in en na nog even checken op het internet, reden we om half 11 met de auto naar het Don Mills Metrostation. We parkeerden de auto bij het Fairview winkelcentrum. Omdat we nog niet ontbeten hadden, liepen we het winkelcentrum binnen om te kijken of ze ergens ontbijt hadden. Al meteen hadden we raak. Bij Michel´s Baguette namen we ieder het ‘Bacon & Egg-menu’. Twee gebakken eieren, bacon en een bagel. Martijn nam een bagel met alleen boter en ik eentje met creamcheese. Het smaakte heerlijk! En de koffie was hier ook heerlijk sterk. Hierna liepen we het Don Mills Metrostation in. We kochten een dagkaartje en via de Sheppardlijn (paars) en een overstap bij Sheppard-Yonge, kwamen we na ongeveer 20 minuten aan op het Union Station. Vanuit hier was het ongeveer 10 minuten lopen naar de CN toren.
Onderweg op straat kwamen we veel aanbieders van tourbussen tegen. Zo ook de tourbus van Hippoo. Een speciale bus met rondingen aan de onderkant, zodat het ook in het water kon varen. Dit zag er leuk uit, maar we hadden hier helaas geen tijd voor (of in ieder geval geen zin om hiervoor tijd te maken).
Na een minuut of 10 stonden we onder de CN toren. We kochten een kaartje combikaartje voor ‘Look out – Glass Floor – Sky Pod’ en we mochten meteen met de lift naar boven en bracht ons op een hoogte van 447 meter. Wat een uitzicht! Alleen waren Martijn en ik van mening dat het uitzicht vanaf de Empire StateBuilding mooier was. Deze leek hoger, maar dat is natuurlijk niet zo. We zagen in de verte Ontario Place. Dit is een klein pretparkje met een museum, IMAX-bioscoop en attracties voor kinderen. Dit lag te ver weg om te lopen, maar omdat het toch behoorlijk klein was, besloten we dit pretparkje maar over te slaan. We liepen met de trap één verdieping lager. Hier was de Glass Floor. Dat was een apart gevoel. Je stond met je voeten op glas, waardoor je recht naar beneden kon kijken. Natuurlijk wel enorm dik glas, maar het idee was toch raar. We liepen met de trap weer omhoog naar het ‘Look Out-deck’ en namen de lift voor nog een paar verdiepingen hoger, namelijk voor de Sky Pod. Deze bracht ons nog 101 meter hoger en zo stonden we op het hoogste puntje (458 meter) van de CN toren. Na een rondje gingen we weer met de lift naar beneden en kwamen we weer uit op het ‘Glass Floor-deck’. Vanaf hier namen we de lift weer helemaal naar beneden.
We liepen weer terug naar Union Station en namen de Yonge-University-Spadina lijn weer naar het Noorden (de gele lijn). Bij het station Queen stapten we weer uit. Hier was het Eaton Centre. Dit scheen het mooiste winkelcentrum van de stad te zijn en heeft ongeveer 350 winkels. We liepen van de ene kant naar de andere kant en liepen af en toe een winkel binnen. We zijn namelijk niet zo’n supershoppers, dus we bekeken wat winkels maar kochten niets.
Bij het Metrostation Dundas stapten we weer in de Gele Metrolijn. Bij Sheppard-Yonge stapten we weer over op de Paarse lijn en na drie haltes kwamen we weer aan bij Don Mills. Vanuit hier liepen we de Fairview Mall weer in. Hier zagen we een Disneystore, dus een bezoekje aan deze winkel mocht niet ontbreken. Helaas was het maar een kleine winkel.
Bij Michel´s Baguette kocht Martijn een Danish broodje met kaas en kersen en ik een kaascrossaintje. Deze aten we op in de auto en we sloten Tom Tom weer aan. Omdat we nu in Canada waren en het hotel waar we heen wilden (wederom een Howard Johnson Hotel) in Niagara aan de Amerikaanse kant was, konden we het adres nog niet instellen. We stelden daarom de Tom Tom in op de Niagara Falls (Canadese kant). Iets voor de Niagara Falls zouden we moeten afslaan naar de 405 in plaats van de QEW naar Niagara. Het zou ongeveer anderhalf uur rijden zijn, maar onderweg hadden we enorm veel file. Uiteindelijk kwamen we om iets over half 6 aan bij de grens en verwisselde we het kaartje van de Tom Tom weer naar USA. Na een kwartiertje rijden kwamen we aan bij het Howard Johnson hotel. We liepen naar binnen met ons bonnetje van 49 dollar per kamer. Hij had alleen nog maar Kingbedden en wist niet of hij die mocht weggeven voor 49 dollar, maar hij deed dit toch. We bedankten hem hier hartelijk voor en we haalden de koffers uit de auto. Bij binnenkomst bij onze kamer zagen we dat deze behoorlijk groot was. Alleen de twee wastafels waren wel toe aan een opknapbeurt, verder was de kamer top. Maar voor 49 dollar zeuren we nergens over! Zolang het maar schoon is en we kunnen slapen.
We wilden de laptop aansluiten en het internet checken, maar er bleek geen internet aanwezig te zijn (terwijl dit wel op het bonnetje stond). Dat werd afkicken voor ons, aangezien we tot nu toe nog elke dag gratis internet hadden. Deze tijd hebben we gebruikt om alvast de foto’s te ordenen. Daarna zijn we op zoek gegaan naar wat eten. Naast ons hotel zat een Bob Evans, maar we zagen in een boekje dat er ook een Ponderosa in de buurt zat. Dat was voor ons toch al weer twee jaar geleden (in Orlando) dat we daar gegeten hadden, dus besloten we daar maar weer eens een keer te gaan eten. Het restaurant bevond zich op nog geen 5 minuten rijden. Martijn nam een combomenu van Sirloin Steak met blauwe kaas en kip met bacon-barbecuesaus en ik nam een Horseradish Steak. We wisten beide niet wat dit was, maar ik ben altijd wel in voor nieuwe smaken. We gingen zitten en maakten gebruik van de saladebar. Na een goed kwartiertje wachten kwam ze aan met ons eten. Mijn Horseradishe saus zag er apart uit en hij smaakte ook enorm apart. Maar als je het met mate verdeelde over het vlees smaakte het eigenlijk best lekker. Het had een enorm sterke smaak, maar wel lekker.
Na het eten reden we weer terug naar het hotel en pakten we onze cameratas. We wilden graag de watervallen ook bij avondlicht zien. Onderweg kwamen we een informatiecenter van Grey Line tegen. Aangezien we niet wisten tot hoelaat de watervallen verlicht zouden zijn, gingen we dit binnen vragen. De man achter de balie vertelde ons dat de watervallen tot middernacht verlicht waren en vroeg tot hoelaat we de dag erna nog tijd hadden. We gaven aan dat dit tot ongeveer drie uur zou zijn. Hij gaf ons het advies om een tour te boeken zodat je in korte tijd toch heel veel kunt zien (uiteraard adviseerde hij dat ons, het blijft tenslotte toch een verkoper). De tour heette ‘American Adventure Tour ‘ en deze tour zou ongeveer 5 uurtjes duren en kostte 80 dollar per persoon. Omdat we eigenlijk toch wel veel van het lijstje wilden zien en geen zin hadden om alles zelf uit te gaan zoeken, vonden we dit een uitstekend plan. De bus van Grey Line zou rond 8.30 bij de Visitor Center bij ons hotel zijn en rond een uur of 14.00 zouden we dan weer bij het hotel zijn. Omdat we bij hem deze tour geboekt hadden, goochelde hij nog wat met papiertjes en kruisjes, zodat we deze avond gratis mochten parkeren bij Casino Niagara en gratis naar boven mochten in de Skylon toren en zo de verlichte watervallen erg goed konden zien. Dit vonden we heel erg aardig van hem.
We kregen van hem ook meteen de route hoe we het beste konden rijden en een minuut of 10 later reden we via de Rainbow Bridge naar Canada. Wederom zat er een mannetje in het hokje welke vroeg wat we kwamen doen in Canada en hoelang we dan daar zouden verblijven. Hij bekeek onze paspoorten en alles was prima.
We parkeerden de auto bij de Casino Niagara en gingen te voet verder. Het zou ongeveer 10 minuten lopen zijn. Onderweg werden we erg verrast door het grote aanbod aan hotels, cafe’s en restaurantjes. Ook was er een kleine kermis en ander vermaak zoals Ripley’s Believe it, or not, het WAX-museum en een paar midgetgolfbanen met verschillende thema’s. Dit deed ons sterk denken aan Las Vegas. Veel verschillende kleuren lampjes en vermaak. Martijn was helemaal overdonderd, want hij had verwacht dat er alleen maar een saaie waterval te zien zou zijn en niet dit alles er nog omheen.
We liepen een beetje rond en kwamen rond 22.30 uur aan bij de Skylon Toren. We mochten meteen met de lift mee. Eenmaal boven kon je de watervallen enorm goed zien. Ze kregen telkens een ander kleurtje en het effect was echt zo enorm mooi. Na bijna een half uur gingen we weer met de lift naar beneden. We liepen dezelfde weg weer terug naar de parkeerplaats van de Casino Niagara en reden weer terug naar het hotel. We moesten immers weer vroeg op staan, dus besloten we niet al te lang aan de Canadese kant rond te hangen en uiteindelijk om 0.30 uur sloten onze ogen.

12 juni 2006

Dag 17 – Omgeving Toronto

Volgens Streets and Trips was het drie uurtjes rijden van Erie naar Toronto en aangezien we niet veel op de planning hadden staan, stond de wekker op kwart voor 9. Het ontbijt zou zijn tot 10 uur. Martijn had eindelijk weer goed geslapen en om half 10 zaten we beneden aan het ontbijt. Op zich stelde het niet echt iets voor. We aten ieder een bagel met jam en smeerkaas. Toen we weer terug in onze hotelkamer waren, deden we rustig aan. Nog even wat internetten en we pakten onze koffers in. Om 11 uur zaten we op de I90 richting Canada. Na anderhalf uur rijden namen we een plaspauze en zagen we een MacDonalds en een Denny’s. We hadden ondertussen al wel weer wat honger gekregen en omdat we de Denny’s nog niet kenden, aten we hier beide een sandwich. Alleen deze waren ongelooflijk groot. Het was in principe gewoon een stuk vlees en daarom heen zat een broodje. We aten ieder iets meer als de helft op en zaten toen echt super vol. Toen we naar de auto liepen, zagen we couponboekjes voor Toronto en Niagra Falls. Het boekje bevatte maar twee hotels bij Toronto. Als eerste typten we een Howard Johnson hotel in onze Tom Tom en hij gaf aan dat het nèt geen twee uur rijden was. Dit hotel was gevestigd in Markham, iets boven het centrum van Toronto. We vervolgden de weg weer richting Canada. Als snel bereikten we Buffalo en daar gingen we de grens over van Amerika naar Canada. Bij het eerste hokje werd gevraagd hoelang we van plan waren om te blijven, of we daarna weer terugkeerde naar de USA en wat onze verdere bestemmingen waren. Hij vroeg waar we vandaan kwamen en toen we aangaven dat we Hollanders waren, vroeg hij of we de voetbalwedstrijd van gisteren hadden gezien. Helaas, deze hadden we niet gezien. We zaten op dat moment in Geauga Lake. Ik had al wel gelezen op nu.nl dat het Nederlands Elftal gewonnen had, dus ach.. We moesten naar een huisje aan de rechterkant. Daar was de Customs. Hier kregen we wederom vragen als hoelang we in Canada bleven en wat we daarna gingen doen. Toen stempelde hij onze paspoorten (jeuh, weer een stempel erbij in ons paspoort!). We reden weer verder en betaalden de 2,50 dollar aan toll en we waren op Canadees grondgebied.
We vervolgden onze weg naar Toronto en na een goed twee uur rijden zagen we de CN toren in de verte verschijnen. De snelweg (nummer 2) liep via de zuidrand van Toronto weer naar het Noorden aan de oostkant van Toronto. Via deze snelweg kwamen we behoorlijk dichtbij de CN Toren. Onderweg hadden we een beetje last van file, maar kwamen uiteindelijk om kwart voor 5 aan bij het Howard Johnson hotel. We liepen naar binnen en de mevrouw achter de balie vertelde ons dat een kamer 109 Canadeese Dollars kosten. We hadden een bonnetje voor 79 Canadeese Dollars/72 Amerikaanse Dollars en deze nam ze ook aan. We wilden dit keer cash betalen en vroegen of ze ook Amerikaanse Dollars aannam. Dit deed ze wel, maar dan kregen we wel Canadees wisselgeld ervoor terug. Na veel gochelen met de koers en tax, kwamen we uiteindelijk uit op 83 Amerikaanse Dollar en met weer omrekenen kregen we maar liefst 21 Canadeese centen er voor terug. We vroegen of er toevallig ook een wasmachine aanwezig was. Deze was er wel, maar was kapot. De drogers deden het wel.
We besloten om in ieder geval een deel van ons wasgoed met de hand te gaan wassen. We vulden het bad met heet water en gooiden onze oploscapsules in het bad. Lekker primitief allemaal, maar wel erg gezellig: met z’n twee’tjes de was doen!
Nadat we de was uitgespoeld hadden, liepen we naar de wasdrogers. Dit zou een uurtje duren. Omdat er ook een restaurant in het hotel aanwezig was, besloten we dit uurtje te benutten met het diner. Martijn nam een combomaaltijd (groot stuk kip en wat ribbetjes) en ik nam een varkenssteak. Beide namen we ook een lekker glaasje rode wijn. We hoefden tenslotte niet meer te rijden he. Het eten smaakte prima, alleen wel erg veel. We namen dan ook geen toetje, maar wel een cappuccino. De koffie smaakte in ieder geval lekker sterk, maar het schuim ontbrak helaas. Toen we het restaurant uitliepen waren we precies een uur verder en liepen we weer terug naar de wasdrogers. De was was goed droog en eenmaal weer terug op onze hotelkamer keken we nog wat TV. We vielen midden in de serie 24 (seizoen 3 als ik het goed heb). Dit seizoen kenden we uiteraard al, maar ook deze herhaling bleef spannend. Na ‘Twentyfour’ kwam er een special omtrent de film ‘Superman Returns’. Deze film komt binnenkort uit en de special begon vanaf de allereeste film van Superman (met Christian Reeve). Een hele leuke en interessante special. Daarna kwam er een programma over de wedstrijd ‘Rock, paper, scissors’ in Las Vegas. Dat ze hier ook al een wedstrijd van maakten?! Dit duurde ongeveer een uurtje en toen gingen we heerlijk slapen.

11 juni 2006

Dag 16 – Geauga Lake and Wildwater Kingdom

Vanuit Huron was het ongeveer anderhalf uur rijden naar Geauga Lake in Aurora. Omdat we wisten dat dit niet zo’n groot park was, reden we dan ook niet al te vroeg aan. Ik besloot deze dag het eens zonder lensen te doen en m’n brilletje op te zetten. Mijn ogen waren echt vuurrood en waren nogal geirriteerd. Rond half 10 reden we aan en om 11 uur reden we het parkeerterrein van Geauga Lake op. Het leek niet druk te zijn. Gelukkig maar, want na een drukke dag zoals gisteren, vonden we het heerlijk om een dagje rustig aan te doen. Ook omdat Martijn wederom slecht had geslapen door de warmte. We liepen het park in en liepen meteen naar Steel Venom, beter bekend als ‘gekke wokkel’. Het enige verschil met de gekke wokkel van Cedar Point is dat deze alleen aan de voorkant een wokkel heeft en achter recht. Hij was daarom ook niet zo leuk als de wokkel in Cedar Point, maar nog wel steeds leuk om te doen. Na deze wokkel liepen we naar X-Flight. Het is een hangende baan, maar hier zit je niet rechtop, nee bij deze attractie ga je liggen. Ofwel, je hangt in een tuigje in de stoel en daardoor lijkt het alsof je vliegt. Deze attractie hadden we ook al in Engeland gedaan, alleen daar werd je in het stationnetje al meteen in de hangende ligstand gebracht en hier in Geauga Lake werd je eerst op je rug neergelegd en eenmaal bovenaan bij de drop draai je om.
We stapten in de stoelen voor frontseat. We reden op onze rug het stationnetje uit en plots zei het karretje piep piep en stopten we abrupt. Er was een storing opgetreden. Het apparaat gaf aan dat iemand niet goed vast zat. Op zich natuurlijk een goed veilig systeem, maar iedereen was van te voren nog gecheckt. Omdat we frontseat zaten, lagen we dus recht met onze gezichten in de zon. Dit was niet echt prettig. Het duurde ongeveer tien minuten voordat we weer achteruit het stationnetje inreden. We moesten uitstappen en weer terug in de rij staan. Gelukkig mochten we wel vooraan in de rij wachten. Men deed een testrit en alles zag er prima uit. We mochten weer instappen en dit keer vlogen we wel. De rit was op zich niet super speciaal ter vergelijking met ‘Air’ in Alton Towers (Engeland). Deze X-Flight was ook gemaakt door Vekoma, ofwel van Nederlandse fabrikaat. Op de een of andere manier maakt Vekoma niet de meest soepele en fijne apparaten. Ze zijn wel steeds de eerste als aparte achtbanen, maar andere fabrikanten maken het dat net ietsjes beter na, waardoor de tweede versie vaker soepeler en beter verloopt. Sorry Vekoma!
Toen we weer terug reden naar het stationnetje van X-Flight stonden we net voor binnenkomst wederom stil en reden we niet verder. Pas na vijf minuten kwam iemand ons vertellen wat er nu aan de hand was. Blijkbaar had iemand op de noodstop gedrukt. Wat een domme actie zeg! Maarja, ondertussen lagen we weer gezellig op onze rug en dat was wederom niet prettig. Vijf minuten na deze melding reden we uiteindelijk het stationnetje weer in. De X-Flight: nooit meer!
We liepen weer verder naar Big Dipper, een houten achtbaan. We vonden de rit aardig, maar niet super. Mede dankzij de ruwe heuveltjes scoorden deze baan niet veel punten.
Na de rit met Big Dipper liepen we naar de ander kant van het park. We kwamen langs Thunderhawk (een hangende achtbaan). Martijn vertelde dat deze ook door Vekoma was gemaakt en dus pijn deed aan het hoofd in de bochten. Ik geloofde hem meteen en we sloegen deze baan over. Naast Thunderhawk stond de Dominator, een floorless baan. Hier stond geen rij en stapten meteen in de voorste karretje. Toen we vast zaten en klaar voor vertrek waren, weigerde ook deze achtbaan te vertrekken. Ditmaal konden onze beugels ook niet los en zaten we zo vijf minuten in het karretje. Het personeel kon niet zien wat er aan de hand was. Na deze vijf minuten konden we weer uitstappen en hielden ze een paar testritten. Na bijna tien minuten mochten we weer instappen en vertrok het karretje zonder storingen. De rit zelf vond ik wel leuk, maar niet super subtiel in de bochten. Martijn had nergens last van en vond hem wel leuk.
We liepen naar The Villain. Wederom een houten achtbaan. We vonden hem erg leuk, maar hij schudde wel heel erg. Na deze houten achtbaan liepen we naar de derde en laaste houten achtbaan van het park: Raging Wolf Bobs. Ook deze baan was wel aardig, maar niet super. Omdat we alle attracties gedaan hadden welke we wilden doen en het nog maar half 3 was, liepen we naar het waterpark gedeelte. Het was niet super warm meer gelukkig, maar er waren nog genoeg mensen welke in het waterpark aan het zwemmen waren.
Uiteindelijk zaten we om kwart over 3 weer in de auto. We zochten een hotel uit in de boekjes en reden als eerste naar een Best Western iets voor het stadje Erie. Dit zou ongeveer anderhalf uur rijden zijn. Omdat Martijn nog steeds erg moe was reed ik. Alleen door de zon (de airco deed het wel in de auto, maar hielp niet echt) en doordat m’n ogen ook nog steeds niet optimaal waren, besloot ik om na een half uurtje rijden een rest area op te zoeken. We parkeerden de auto en sloten onze oogjes. Toen we weer ‘wakker’ werden, waren we drie kwartier verder. Martijn voelde zich nu wel weer lekker, alleen ik nog niet super optimaal. Martijn reed daarom dus verder richting Erie. Rond 18.00 uur verlieten we de snelweg. Het Best Western Hotel zou vrijwel langs de snelweg liggen en we vonden het hotel ook vrijwel meteen. Alleen leek het wel alsof we in een spookstadje terecht gekomen waren. De twee benzinepompen naast het hotel waren verlaten en half afgebroken. Het restaurantje tegenover het hotel zag er nog veel vager uit en de gordijnen van het hotel leken al in geen eeuwen meer gewassen. Op ons bonnetje stond dat een nachtje logeren in dit hotel ons 39 dollar zou kosten. We keken elkaar aan en Martijn zei dat hij hier zeker niet meer als 39 dollar voor zou willen betalen. Eigenlijk hadden we ook al besloten om hier niet te overnachten, maar zo nieuwsgierig als we waren liepen we toch naar binnen. Het bonnetje wat we hadden bleek een misdruk te zijn. Na 31 mei zou het 69 dollar kosten, maar omdat er zoveel boekjes al verspreid waren, konden hun de fout niet meer terug draaien. Martijn en ik keken elkaar aan en voelden eigenlijk een opluchting. 69 dollar was het sowieso niet waard.
In de auto bekeken we nog wat bonnetjes en zagen een Microtel Hotel even verderop. We kenden de hotelketen niet, maar voor ook 39 dollar wilden we het graag eens proberen. Toen we een paar exits verderop van de snelweg afgingen voelden we ons al veel meer op ons gemak. Een Holiday Inn Express zat tegenover het Microtel Hotel gevestigd en een paar restaurantjes. We waren weer in de bewoonde wereld!
We werden vriendelijk ontvangen door de mevrouw achter de balie en voor 39 dollar konden we een kamer met één Queenbed krijgen. Dat was prima. Toen we de koffers uit de auto haalden, beseften we dat we wederom vergeten waren om de kamer eerst te bekijken.
Toen we in onze hotelkamer kwamen zagen we dat het een niet zo’n grote kamer was, maar wel schoon. Dus prima genoeg. Nadat we de koffers een plekje gegeven hadden en de mail gecheckt hadden, keken we naar buiten wat er allemaal voor restaurantjes zaten. We zagen een Bob Evans Restaurant. Dit restaurantketen hadden we al vaker voorbij zien alleen wisten we niet wat voor soort restaurant het was. We bekeken het menu op internet en dat leek ons eigenlijk wel lekker. We liepen naar het restaurant en werden ontvangen door een hele vriendelijke dame. Martijn bestelde een steak en ik een zalmfilet. Dit was erg lekker. Vooral Martijn vond zijn steak echt enorm lekker. Omdat het een redelijk Europees portie was, bestelden we ook nog een toetje. We namen ieder een icecreamcrepe met caramel en nootjes. De serveerster was volgens mij nog niet helemaal wakker, want ze kwam maar met één icecreamcrepe onze kant op. Ze dacht dat we er eentje samen deelden. Erg romantisch gedacht, maar we wilden toch echt beide ieder eentje. Achteraf gezien hadden we eigenlijk best eentje kunnen delen, want we zaten echt propje vol.
We liepen weer terug naar het hotel en hier keken we nog wat TV en internetten we wat en om half 12 ging het licht uit.

10 juni 2006

Dag 15 – Cedar Point

Vandaag stond de wekker vroeg, maar liefst om half 7 rinkelde de wekker van mijn telefoon. Omdat het een zaterdag was, kon het best nog wel eens druk worden in Cedar Point. Daarom wilden we er vroeg zijn. Om 8 uur zaten we, zo goed als wakker, in de auto richting Cedar Point. Martijn had voor het eerst deze vakantie een keer slecht geslapen. Waarschijnlijk kwam dit door de hitte. De airco had ’s avonds wel aangestaan, maar omdat het te veel lawaai maakte hadden we hem ’s nachts uitgezet. Hierdoor had Martijn het ’s nachts ontzettend warm gekregen. Ik had overigens prima geslapen.
Tom Tom gaf aan dat het twee uur rijden is, maar al snel merken we dat hij nog steeds niet bekomen was van gisteren. De aankomsttijd verkortte zich steeds sneller en uiteindelijk stonden we om tien over half tien op de parkeerplaats van Cedar Point. Het park zou eigenlijk om 10 uur open gaan, maar doordat de gasten welke in de Cedar Point Resorts verblijven al anderhalf uur eerder naar binnen mochten, draaide alle attracties al. Toen we naar de ingang liepen, zagen we dat wij ook gewoon naar binnen mochten. Via Guest Relations lieten we ons seizoenspasje zien en mochten we naar binnen zonder in de rij aan te sluiten.
We liepen als eerste naar de Millenium Force. Deze baan, samen met Top Thrill Dragster, waren de twee attracties waar we speciaal voor naar Cedar Point zijn gekomen. Officieel was door deze twee achtbanen ons gehele vakantie om gepland. Millenium Force is de hoogste en daarmee ook de enigste Gigacoaster op de wereld. Alle andere van dit soort heten daarom ook hypercoasters. En bij de Top Thrill Dragster wordt je afgeschoten en bereik je in vier seconden de 120 mijl per uur (ofwel rond de 185 kilometer per uur). Met deze snelheid ga je 128 meter recht omhoog, klein heuveltje over en weer recht naar beneden.
Eenmaal bij de Millenium Force aangekomen, moesten we onze rugzak opbergen in een kluisje. Tassen en dergelijke mochten niet mee in de rij, omdat je namelijk ergens anders uit het treintje stapt, dan dat je ingestapt bent. Omdat we een redelijk grote rugzak hebben, namen we een grote kluis. Helaas was deze een dollar duurder als de kleinere. Ach ja, hadden we maar geen grote rugzak mee moeten nemen he. Eenmaal in de rij zagen we dat deze toch wel een behoorlijke lang was, maar omdat ze maar liefst vier treintjes hadden draaien, waren we in twintig minuten in het stationnetje. We konden in principe instappen, maar we besloten het meteen goed te doen en sloten aan in de rij voor frontseat. Dit was een vertraging van nog eens 25 minuten wachten, maar dat was het wel waard. Wat een rit, wat een soepelheid en wat een snelheid. Hier kan echt niets tegenop. Deze baan was echt zo super geweldig. Vooral de drop is hoog en snel. Je voelde de drop ook echt. Ook de rest van de baan was super. Tot het laatst toe bleef hij zijn snelheid houden en daarna stopte hij rustig en subtiel. Diepe buiging voor Cedar Point! We vroegen aan het mannetje welke bij de kluisjes stond of er nog meer attracties zijn waarbij de rugzak perse in een kluisje moest. Dit bleek alleen te moeten bij de Millenium Force en Top Thrill Dragster. We besloten dus om meteen de Top Thrill Dragster hierna te doen. Onderweg kocht Martijn een Coaster Classic Burger en ik een Cheeseburger als lunch. Bleek dat de Coaster Classic Burger en de Cheeseburger eigenlijk precies hetzelfde waren, alleen had de Classic Burger één plakje kaas extra en wat saus. Maar het was wel een dollar duurder.
Daarna liepen we snel naar de Top Thrill Dragster. Ook hier stond een enorme rij, maar hier hadden ze maar liefst vijf treintjes draaien. Uiteindelijk hebben we 55 minuten gewacht toen we in het treintje stapten. We reden naar voren, klaar voor lancering. Je zag de gele lampjes branden en binnen enkele seconde kwamen de groene lichtjes. Wat een snelheid en wederom is ook deze baan super soepel. Binnen dertig seconden stonden we weer in het stationnetje. Super baan, maar wel kort.
We besloten om onze rugzak weer op te halen en daarna op zoek te gaan naar een hotel even buiten Sandusky. Omdat het park toch tot 23.00 uur open was en het nog maar half 2 was, vonden we dat we best een uurtje tussendoor konden missen. Zo hoefden we niet perse rond 20.00 uur weg om nog een hotel te gaan zoeken.
Voordat we weer terug waren bij de kluisjes hadden we een behoorlijk eind gelopen. Het park bleek groter te zijn dan dat je kon voorstellen als je het plattegrondje zag. We liepen er maar liefst 20 minuten op. Voordat we bij onze auto waren was het half 3 en daarna reden we in een kwartier naar een Comfort Hotel in Huron. Er waren nog kamers beschikbaar. Voor 99 dollar mochten we er een nachtje slapen, maar we hadden een bonnetje voor 38 dollar! Nadat we ons bonnetje hadden laten zien, vertelde de meneer achter de balie dat het bonnetje verlopen was. We keken nog eens goed en inderdaad, het bonnetje was op 31 mei verlopen. Omdat de man achter de balie dat zo sneu voor ons vond, maakte hij er 89 dollar van. Ik keek Martijn aan en knikte dat het prima was. Zo hoefden we niet op zoek naar een ander hotel en we hadden de afgelopen nachten erg goedkoop kunnen slapen. Onze eerste nacht zonder reservering was tenslotte ook 89 dollar en voor een Comfort Inn vonden we dit een prima prijs. Ik gaf mijn credit card en hij keek nog eens goed. Hij vroeg waar we vandaan kwamen en nadat we zeiden dat we uit Holland kwamen, begon hij te glimlachen. Hij was ervan overtuigd dat zijn vader ook uit Nederland kwam. Zijn vader was geadopteerd door Duiters waardoor hijzelf Knoper heette, maar zijn vaders echte achternaam was Van Order. We knikten beide dat dit best wel eens een Nederlandse naam zou kunnen zijn en dat vond de man zo leuk dat hij ons een prijs gaf van 79 dollar. We danken hem hier hartelijk voor en we checkten in. Nadat we de koffers in de kamer gedropt hadden, reden we weer naar Cedar Point. Toen we het park weer inliepen zagen we dat we precies 55 minuten weggeweest waren.
We liepen als eerste naar Raptor, een hangende achtbaan. Hier maakten ze gebruik van ‘maar’ drie treintjes en daarom stonden we hier net geen uur in de rij. De rit was erg leuk en soepel. Toen we uit de achtbaan kwamen, zagen we dat het al half vier geweest was en we beseften dat we nog maar drie attracties gedaan hadden. We bekeken de plattegrond en hadden als doel nog zes attracties te doen. Omdat het park toch tot 23.00 uur open is, dachten we dit wel te kunnen halen. De attracties welke niet op onze planning stonden, leken ons niet zo veel aan, of waren echt kiddiecoasters.
We liepen naar Disaster Transport. We wisten niet precies wat dit voor attractie was, omdat de attractie in een donkere hal bevond. Martijn vermoedde een soort bobsleebaan, aangezien de buizen aan de buitenkant het een en ander deed vermoeden. In de wachtrij werd gebruik gemaakt van neonverlichting. Hierdoor ontstond een leuk effect. Alleen na lang staren, kreeg ik er wel wat hoofdpijn van. Toen we ongeveer een kwartier in de wachtrij stonden sprak de vrouw voor ons ons aan. Ze wilden weten waar we vandaan kwamen, aangezien ze onze taal niet herkenden. Toen we vertelden dat we uit Holland kwamen, vertelde ze dat ze gewed had met haar zoontje. Zelf dacht ze aan Zweden en haar zoontje gokte op Duitsland. Helaas, maar Duitsland kwam al in de buurt. Al kletsend kwamen we bij de baan. En inderdaad, het was een bobsleebaan in het donker. Erg leuk gedaan.
Nadat we deze baan gedaan hebben, zeiden we gedag tegen de vrouw met zoontje en we liepen naar Wicked Twister. Ofwel: gekke wokkel. De rij liep vrij snel door en in een kwartiertje zaten we bijna vooraan. Met een vaart werden we afgeschoten naar voren en we gingen een paar keer op en neer. Drie keer naar voren en twee keer naar achteren. We vonden deze attractie zo leuk dat we hem nog een keer deden. Wederom verliep de rij vlotjes en zo zaten we bijna achteraan. Zelf vond ik achteraan leuker, aangezien je dan als hoogste komt in de wokkel achter en draai je dus ook iets meer met je gezicht naar de grond toe.
Na deze wokkel merkten we dat we best wel honger hadden en bekeken we het aanbod aan eettentjes op de plattegrond. We zagen dat Midway Market vrij dicht in de buurt was en hier was het voor 14,95 dollar “zo veel eten als je maar wilt - buffet”. Zelfs het drinken zat erbij. We eten eerst wat pasta en daarna wat vlees. Als laatste eten we ook nog een toetjes, maar dit werd echt proppen. Bijna rollend liepen we het restaurant uit en kwamen tot de conclusie dat het erg lekker was maar dat het niet slim van ons geweest was om zo veel te eten. Dat bleek ook wel, want onderweg naar Magnum XL-200 moest ik noodgedwongen naar de wc. Ik had een behoorlijke buikkramp. Gelukkig verliet het allemaal via de normale weg mijn lichaam en voelde me hierdoor al wat beter. Onderweg nog wat foto’s gemaakt van Top Thrill Dragster. Alleen al kijkend bleef deze baan leuk.
Eenmaal aangekomen bij Magnum XL-200 zagen we dat hier vrijwel geen rij stond. Magnum XL-200 staat bekend als hypercoaster en is dus ook iets kleiner als de Millenium Force. Zeg maar gerust een stuk kleiner. We vonden deze baan dan ook vallen in de categorie ‘aardig’, maar niet speciaal. Het stuk in het donker is wel verrassend leuk, aangezien er een hobbeltje in zat en je daardoor onverwachts een stukje uit je stoeltje getild werd. Achteraf snapten we ook waarom hier vrijwel geen rij stond. Waarom in een hypercoaster stappen, als je een Gigacoaster kunt krijgen?
We liepen weer verder en we sloten aan in de rij van Gemini. Ofja, rij… hier was ook geen rij te bekennen. Gemini was een houten racerbaan. We stapten in de blauwe karretjes, maar we verloren. De baan zelf was erg leuk.
Na deze houten achtbaan gingen we snel verder naar de andere houten achtbaan: Mean Streak. Onderweg kreeg ik alleen weer wat last van m’n buik en ook mijn ogen begonnen te irriteren. Eenmaal aangekomen bij Mean Streak, zagen we dat ook hier bijna geen rij stond. We stapten in en eenmaal boven bij de drop merkten we dat er behoorlijk veel muggen waren. Het was inmiddels donker geworden en daarom kwamen deze beestjes natuurlijk erg op gang. De rit zelf vonden we wel aardig. Erg rammelig, maar wel lekker hard. Maar we moesten wel onze mond dicht houden, want anders aten we zonder pardon nog wat vlees op. Ook de ogen konden we bijna niet open houden. Toen we het treintje weer uitstapten, zag ik dat Martijn een paar reisgenoten had tijdens de rit. Op de achterkant van z’n shirt zaten namelijk allemaal platgedrukte vliegjes.
In principe stond er nog één baan op ons programma, namelijk Mantis: een staande achtbaan. Maar omdat we de Millenium Force ook nog graag zouden doen en we toch op tijd terug wilden zijn in het hotel, sloegen we deze over en liepen we meteen naar Millenium Force. Onderweg zagen we geen treintjes meer rijden en dachten we dat deze dicht was. Eenmaal aangekomen zagen we een leeg treintje rijden en vertelde iemand ons dat de attractie gesloten was omdat er een storing was. Bij de ingang van de rij stonden al wel veel mensen hoopvol te wachten. Uiteraard gingen we ook hier in de buurt zitten en genoten we van de mensen die langs kwamen. Na een goed kwartier wachten ging de Millenium Force weer open en sloten we aan in de rij. Het was inmiddels 10 uur en op het scherm iets verderop begon er een show. Nadat we gekeken hadden op de plattegrond, zagen we dat deze show ‘Hot Summer Lights’ heette. We stonden precies aan de achterkant van het scherm en konden ook zo meegenieten van de show. Op een gegeven moment werd er ook wat vuurwerk afgeschoten, maar dit haalden met lange na ‘Wishes’ van Disneyworld (Orlando) niet. Al met al zag het er aardig uit. Het was in ieder geval goed vermaak in de wachtrij. Na ongeveer een twintig minuten wachten sloten we aan bij het één na laatste poortje.
Ook achteraan en in het donker was de rit top. Alleen jammer van de vliegjes onderweg, alhoewel we door de snelheid er minder last van hadden als bij Mean Streak.
Na deze baan was het uiteindelijk toch tien voor elf en dus liepen we langzaam aan naar de uitgang. We pikten nog een ritje met de Skyride mee, aangezien deze eindigde bij de uitgang. Scheelde weer ietsjes lopen. Omdat we ’s middags even weggeweest waren, stond onze auto bijna achteraan. Dit was een goed 5 minuten lopen en er vormden zich een file van auto’s. We zagen aan de zijkant ook een uitgang en zo ontweken we deze file. Binnen een kwartier waren we bij het hotel en vielen vrijwel meteen als een blok in slaap.

09 juni 2006

Dag 14 – Paramount Kings Island

Om half 8 ging de wekker en na een paar keer snoozen, zaten we om half 9 aan het ontbijt. Wederom keken we onze ogen uit. Je kon zelfs je eigen wafels maken. Na een paar bagels, een wafel en voor mij een eitje en voor Martijn yoghurt, liepen we na twintig minuten weer naar de kamer. We pakten onze koffers in en liepen naar de auto. We keken elkaar aan en kwamen tot de conclusie dat deze Comfort Inn een prima hotel was. We hebben heerlijk geslapen en heerlijk ontbeten. Dus mocht ooit nog iemand een hotel zoeken in omgeving Columbus, dan kunnen we deze Comfort Inn van harte aanbevelen!
We stelden onze Tom Tom in op Paramount en we zagen dat het anderhalf uur rijden was. Uiteindelijk hebben we er, door het vlotte verkeer, een uur en een kwartier erop gereden. Toen we in de rij stonden bij de kassa vroeg een mevrouw welke voor ons stond of we misschien haar beker van de Mac Donalds wilden hebben, hier zat maar liefst een korting van 7 dollar op en zij bleek hem achteraf niet nodig te hebben. Uiteraard wilden we deze wel hebben en bedankte haar hiervoor. Toen we naar de prijzen keken, viel het ons op dat de gewone entree 49,99 kosten en de ‘Pay once, visit twice’ ook. Omdat bij deze ‘Pay once, visit twice’ de regel was dat je niet de dag na je bezoek terug hoefde te komen, maar wel als dezelfde persoon (ofwel, je mag je kaartje voor je tweede bezoek niet aan iemand anders geven) werd er dus een apart pasje met foto gemaakt. En hiervoor stond dus een enorme wachtrij te wachten. We wilden daarom dan ook een gewoon kaartje. Alleen de mevrouw achter de kassa wilde maar niet snappen dat we toch het een gewoon kaartje wilden hebben. “Maar dan mag u een keer gratis terugkomen meneer”. “Ja mevrouw, dat snappen we. Maar we komen uit Nederland. De kans is niet groot dat we dit seizoen nog terug komen hier”. Toch moest ze hier nog even over nadenken, maar uiteindelijk gaf ze ons twee normale tickets, maar wel met ieder 7 dollar korting! Ja mevrouw, we zijn echte Hollanders!
Eenmaal binnen zagen we dat de aankleding vrijwel gelijk was aan Paramount Kings Dominion. Dezelfde plas water met fontijnen en de Eifeltoren als uitkijktoren. Maar verder was het park wel heel verschillend. Als eerste liepen we naar Face/Off. Een boomerangbaan, alleen nu met hangende stoeltjes en ook nog eens aan twee kanten instapmogelijkheden. Ofwel, kun je kiezen voor eerst vooruit en dan achteruit of voor eerst achteruit en dan vooruit. Wij gingen frontseat zitten, dus gingen eerst vooruit en daarna achteruit. Ik moet zeggen dat deze behoorlijk soepel ging.
Daarna liepen we naar Top Gun, een hangende baan met karretjes. De weg er naar toe deed ons vermoedden dat het een speciaal iets was. Ook het stationnetje was mooi aangekleed en er zouden gebruik gemaakt worden van rookeffecten. De rit was inderdaad erg leuk, behoorlijk soepel en subtiel in de bochten, alleen we misten de rook en hij was enorm kort. Na een paar bochten reden we het stationnetje alweer in. Hier hadden we echt onze vraagtekens bij: is dit nu echt alles? Toen we terug liepen naar de uitgang konden we onderweg de rij in voor ‘The Son of Beast’. Dit was één van de achtbanen waarom we deze reis maakten. Deze houten achtbaan heeft namelijk als enige in de wereld een looping! De rij verliep vlotjes. We hadden op een forum gelezen dat als je deze rit wilden overleven in een karretje moest gaan zitten zonder wieltjes aan je kont, want anders werd je zo het karretje uitgetrild. Het treintje bevatte een stuk of 8 karretjes waarvan elk karretje opgedeeld was in drie rijen. Zo zagen we dat de middelste rij van het karretje geen wieltjes hadden aan de onderkant, alleen aan de voorkant en achterkant van het karretje. We gingen dus zitten een plek na frontseat. Wel in het eerste karretje dus. En de rit was fantastisch! Wat een snelheid, wat een subtiele bochten, wat een baan. Hartstikke soepel. Helemaal top! We besloten dan ook om meteen frontseat uit te proberen. Wederom verliep de rij vlotjes en we konden na een minuut of tien plaats nemen vooraan het treintje. Dit keer was de rit niet zo leuk. Het was inderdaad waar wat men zei. Je trilde bijna echt het stoeltje uit, niet echt leuk. Bij deze dus echt een tip: ga in het middelste stuk van het karretje zitten!
Hierna liepen we naar Adventure Express, een mijnkarretje. Ik vond hem wel leuk, maar niet subtiel in de bochten. Verder niet echt speciaal. Toen liepen we door naar Racer. Vrijwel dezelfde constructie als in Kings Dominion, dus besloten we hem meteen achteruit te doen, aangezien we de rit op deze manier toch als leukst hebben ervaren. Toen we in het stationnetje kwamen zagen we pas dat de treintjes niet tegelijkertijd wegreden. Hier snapten we niets van, dat is toch het hele idee achter Racer? Ook de rit achteruit was dit keer niet zo leuk. De heuveltjes en bochten waren niet zo subtiel als in Kings Dominion. Dit vond ik echt erg jammer, aangezien de rit in Kings Dominion erg hoog staat in mijn top 10.
Toen was Vortex aan de beurt. Een niet super speciaal baantje, maar hij was wel soepel. Eigenlijk een gewoon normaal achtbaantje.
We liepen in de richting van The Beast. De vader van ‘The Son of Beast’. Deze houten achtbaan staat op nummer één van menig houten achtbaan liefhebber en ook deze houten achtbaan heeft iets speciaals. Het is namelijk de langste houten achtbaan van de wereld. We gingen ook hier meteen in het middelste deel van het karretje zitten en inderdaad, deze baan is super leuk en lang! Het eerste stuk lijkt wat saai, omdat het door de bossen gaat en het lijkt alsof je steeds rechtdoor gaat met af en toe een flauwe bocht, maar het tweede gedeelte is zo enorm leuk en snel. Toen we omlaag gingen bij deze tweede drop dacht ik: als we nu een bocht maken, vliegen we uit de bocht!” Maar dat gebeurde niet. Zelfs deze bocht welke super snel gaat ging soepel en subtiel. Wat een super coaster! Samen met The Son of Beast en Ghostrider van Knott’s Berry Farm in California staat deze coaster in de top 3 van mijn houten achtbanen lijstje. Alleen op welke plek hij staat, weet ik niet. Ze zijn alle drie zo top. Waarschijnlijk delen ze alle drie gewoon de eerste plek!
Na deze geweldige baan liepen we naar de attractie ernaast: Tomb Raider: The Ride. Martijn dacht in eerste instantie dat deze attractie hetzelfde was als in Kings Dominion, namelijk een attractie welke je ook op de kermis hebt staan. Een bank welke over de kop gaat en zo steeds rondjes draait. Maar omdat er bij deze Tomb Raider ‘The Ride’ bij stond en het ook in een hal was, dachten we dat het misschien iets van een achtbaan of karretjes waren. Na een half uur wachten kregen we het antwoord. Mis gedacht! Gewoon een kermisattractie in het donker. Nu moet ik wel zeggen dat de aankleding echt super was. In de wachtrij was deze al erg mooi. Maar de attractie zelf vonden we niet leuk. We werden er een beetje misselijk van.
Inmiddels was het half 6 en hadden we eigenlijk alle attracties gedaan welke op onze planning stonden. Omdat we wederom een rit van drie uur voor de boeg hadden, wilden we rond 19.00 uur richting Mansfield rijden. We liepen dus langzaam aan richting de uitgang. Onderweg kochten we Dippin’ Dots en genoten hier heerlijk van in de schaduw. Het was nog steeds warm en besloten om ook de Wild Thornberry’s River Adventure ook nog mee te pikken. De rij van deze boomstammenbaan duurde helaas iets langer dat we gepland hadden, maar de rit was wel oké. We liepen weer verder richting de uitgang en we namen ook nog een kijkje vanuit de Eifeltoren en maakten hier een paar foto’s. Uiteindelijk was het kwart over 7 voordat we bij de auto waren en wegreden. De Tom Tom hadden we ingesteld op een Travelodge hotel. Volgens Streets and Trips twee uur en vijf minuten rijden, maar volgens onze Tom Tom zouden we er maar liefst drie uur en een kwartier op rijden. Omdat Streets and Trips niet altijd nauwkeurig was, hielden we de tijd van Tom Tom aan. Op zich niet zo leuk, aangezien ik thuis telkens de reistijd van Streets and Trips had ingecalculeerd. Nu zouden we dus gewoon een uur later als gepland aankomen. Half 11 stond er als eindbestemmingstijd. Onderweg vertelde onze Eva van de Tom Tom dat we ergens af moesten slaan, maar dit kon helemaal niet! Toen we deze melding dus negeerden en Tom Tom op nieuwe de route berekende, was de eindbestemmingstijd plots 22.15 uur. Tot nog twee keer toe gaf Tom Tom een verwijzing dat we er ergens afmoesten waar dit niet kon. Uiteindelijk stonden we om 21.50 uur op de parkeerplaats van het Travelodge Hotel in Mansfield. Ook deze mevrouw achter de balie nam het bonnetje meteen aan. Nadat we onze spullen uit de auto hadden gehaald en deze naar onze kamer hadden gebracht, keken we nog even wat tv en checkten we de mail. Hierna gingen we snel slapen, want morgen was het weer vroeg dag.

08 juni 2006

Dag 13 – Kennywood

De wekker ging om kwart voor 8, maar uiteindelijk stonden we om kwart over 8 pas op. Na een uitgebreide douche liepen we naar het ontbijt. Dit keer grepen we niet mis op ons ‘Super 8 ontbijt’, want we hadden namelijk gezien dat het ontbijt hier tot 11 uur was. Het ontbijt was niets meer als een broodje welke je kon roosteren en hier kon je dan jam op smeren. Ook lagen er PopTarts. Dit waren een soort ochtendrepen. We namen er twee mee voor onderweg.
Nadat we de koffers in de auto hadden gelegd en waren uitgecheckt, reden we naar Kennywood. Volgens Tom Tom was dit drie uur en een kwartier rijden. Tijdens de rit reden we van Maryland naar Pennsylvania. Dit was enorm te merken, want we reden weer tussen de mooie bergen van Pennsylvania. Uiteindelijk na drie en een half uur rijden kwamen we aan bij Kennywood. We parkeerden de auto op het tweede level, wat betekende dat het gratis was. We bleven uiteindelijk toch Hollanders.
Bij de kassa betaalden we de entree van 28,95 dollar en liepen het park in. Omdat dit een niet zo’n heel groot park is en ook niet al te duur was onze planning om maar tot 17.00 uur te blijven. Er stonden drie houten achtbanen en een hypercoaster op onze planning. Uiteraard wilden we ook de andere attracties bekijken. Als eerste stapten we in de bootjes van Garfield’s Nightmare. Met een 3D-brilletje vaarden je door de strip van Garfield. Erg leuk gedaan, maar men was wel toe aan nieuwe 3D-brilletjes. Met deze zag je enorm dubbel.
Daarna liepen we door naar de houten achtbaan: Jack Rabbit. Ik vond hem erg leuk. Niet super speciaal, maar wel leuk. Toen liepen we naar de tweede houten achtbaan: Racer. Zoals de naam al deed vermoeden, twee treintjes welke tegen elkaar streden wie er als eerste weer in het stationnetje was. De baan zelf is leuk. Wederom niet spreciaal, maar wel leuk. Alleen hij is oneerlijk. Omdat de baan twee keer een bocht naar rechts heeft en maar één keer een bocht naar links, heeft het ene treintje een uiteindelijk kortere baan. Inmiddels hadden we honger gekregen dus liepen we naar een eetkraampje. We bestelden ieder een hotdog, frietjes en een middel Sierra-Mist. De jongen achter de balie was blijkbaar een vakantiekracht. Er zat werkelijk geen tempo in. Hij had de frietjes in een bakje gedaan en voor onze neus gezet. Toen ging hij het drinken pakken. Het duurde even voordat hij door had dat het bekertje wat onder het apparaat stond al vol was. Toen hij ook ons drinken voor onze neus zette, staarde hij ons aan van: “Zo, dit is het, toch?” Martijn vroeg waar onze hotdogs bleven en de jongen achter de balie zei dat de hotdogs nog niet klaar waren en het nog minstens tien minuten zou duren. Pardon? En dat had hij niet even eerder aan ons kunnen doorgeven? Martijn merkte op tegen de jongen dat het dan niet beter was geweest om de frietjes nog niet voor onze neus neer te zetten. De jongen mompelde iets onverstaanbaars en uiteindelijk duurde het 7 minuten toen de jongen de hotdog voor onze neus neer zette. Natuurlijk waren inmiddels de frietjes koud geworden. Martijn vroeg aan de jongen of hij nieuwe frietjes voor ons wilde pakken. “Ehm, dat kan niet”. “Hoezo kan dat niet, tuurlijk wel.” Hij ging het vragen aan een meerdere en zij zei vriendelijk dat hij dat best mocht doen. De jongen schepte opnieuw frietjes in de bakjes en zo kregen we weer half warme frietjes mee. Het smaakte wel lekker, dat dan weer wel.
Na onze lunch liepen we naar Log Jammer, boomstambootjes. Hier werden we redelijk nat in. In ieder geval genoeg voor wat afkoeling. Iets verder op zagen we een picknicktentje, hier heeft Martijn even rustig met z’n schoonzusje gebeld. Ook in Nederland ging het prima en eindelijk was het daar ook weer wat beter weer.
We liepen door en kwamen langs een soort van mijnwagentjes welke de grot in verdwenen. We waren erg benieuwd wat dit voor attractie was en sloten aan in de rij. Binnen vijf minuten waren we aan de beurt en bleek het een spookhuis te zijn. Op zich leuk gedaan, maar we hebben betere spookhuizen gezien. Naast dit spookhuis was de Thunderbolt, onze derde houten achtbaan welke op de planning stond. Deze baan is echt top. Omdat Kennywood een heuvel ligt, kun je vanaf het stationnetje meteen naar beneden en hoef je niet eerst met de kabellift naar boven. Later werd je wel met de kabellift naar boven getild en werd je weer gedropt. Er zitten een paar leuke bochten in en de heuveltjes bevatten veel airtime (ofwel, je komt hoog je stoeltje uit). Na de Thunderbolt liepen we naar onze laatste achtbaan van onze planning, namelijk Phantom’s Revenge. Een baan met een hoge drop. De rij was hier iets langer als we tot nu toe gehad hadden en toen we na drie kwartier wachten te horen kregen dat de baan tijdelijk gesloten werd in verband met het weer, waren we natuurlijk erg teleurgesteld. We waren immers bijna aan de beurt. Het was kwart voor 5 en eigenlijk wilden we om 5 uur richting de auto lopen, omdat de tocht naar Columbus een goed drie uur rijden zou zijn. Toch wilde ik deze baan erg graag doen, maar ik wist niet of in korte tijd de baan weer open ging. Het regende namelijk best hard. Gelukkig stonden we al in het stationnetje waardoor we niet nat werden. Na een goed half uur wachten was het weer opgeklaard en na een testrit mochten we instappen. Of het nu door de regen kwam of niet, maar de baan ging ontzettend hard. Vooral de drop was erg leuk. Nu voelde we de drop tenminste goed. Alleen het laatste stukje is erg lomp. Je komt namelijk hoog je stoeltje uit en daarna knal je met een enorme snelheid weer tegen de rugleuning aan. Niet echt subtiel, maar de baan is wel leuk!
Onderweg naar de parkeerplaats nog een paar foto’s gemaakt en uiteindelijk reden we om kwart over 6 van de parkeerplaatsen af. Omdat we nog geen kortingsbonnetjes hadden van Ohio, stelden we Tom Tom alvast in op Columbus. Dit zou inderdaad ongeveer drie uurtjes rijden zijn. Onderweg zijn we nog even gestopt om te tanken en later toen we in Ohio aankwamen bij een Visitor Center om boekjes te halen. Daar hadden ze maar liefst keuze uit vier bonnenboekjes. Hartstikke prima. Als eerste stelde we Tom Tom in op een Comfort Inn hotel in Obetz. Onderweg kwamen we veel dode herten langs de weg tegen. Ook Ohio was omringt met menig natuurschoon en blijkbaar waren hier ook veel herten aanwezig. Rond kwart voor 10 kwamen we aan bij Comfort Inn Hotel. We vroegen aan de receptioniste of ze een kamer had. Deze had ze en zou 79 dollar kosten. We legden het bonnetje van 49 dollar op de toonbank en deze nam ze meteen aan. Martijn en ik keken elkaar vragend aan: “Normaal 79 dollar? En wij kunnen er nu voor 49 dollar slapen?” We zagen ook dat in de hoek een grote hoek voor het ontbijt gereserveerd was. Tot 10 uur zou deze geserveerd worden. Prima tijd. Toen we onze kamer in liepen keken we onze ogen uit: een mega kamer! Eigen koelkastje, grote badkamer, alles mooi schoon. We voelden ons haast schuldig dat we hier met een bonnetje van 49 dollar mochten slapen.
Omdat we honger hadden liepen we naar buiten om te kijken wat Obetz te bieden had. Toen we bij in de lobby van het hotel waren, zagen we een flyer van Paramount Kings Island en onderaan de flyer zat een kortingsbon voor 5 dollar korting. Was dat even mooi meegenomen. Toen we eenmaal buiten waren zagen we dat Arby’s onze buren was en tegenover het hotel zat een Wendy’s en een Mac Donalds. Eerst liepen we naar Arby’s, maar deze was dicht. Omdat we niet te voet naar de overkant konden, liepen we weer terug naar het hotel om de auto te pakken en reden als eerste naar de Mac. Ik had wel zin in een Big Mac! De Mac Donalds was tot 23.00 uur open, dus dat kwam prima uit.
Nadat we ons avondeten op hadden, reden we weer terug naar ons hotel. We checkten snel even de mail en gingen toen slapen.

07 juni 2006

Dag 12 – Paramount Kings Dominion

Om half negen ging de wekker af. Na twee keer snoozen sprong ik onder de douche en niet veel later was Martijn ook weer heerlijk fris. Na even het internet gecheckt te hebben, liepen we naar de receptie om te kijken waar het ontbijt was, maar we grepen mis. Het was namelijk tot 9.00 uur ontbijt en het was inmiddels al 9.10 uur. Dat was balen, alhoewel we twijfelden of we nu echt iets gemist hadden. De tafel waar het ontbijt op had gestaan was namelijk niet zo groot. Naast de kannen met koffie was alleen nog maar plaats voor een mandje met brood, bagels of iets wat daar op leek. We liepen weer terug naar onze kamer, pakten onze spullen en checkten uit.
Tom Tom gaf aan dat Paramount een minuutje of 20 rijden was. Omdat we nu het ontbijt ‘gemist’ hadden, kwamen we dus voor openingstijd bij Paramount aan. Doordat ze de poorten al wel geopend hadden, konden we mooi op tijd naar binnen. We liepen meteen naar de Starbucks en kochten voor ieder twee crossaintjes en een cappuccino. Redelijk duur ontbijt zo, maar het vulde wel goed. Daarna liepen we naar de Eifeltoren van Paramount. Vanuit deze uitkijktoren heb je een mooi zicht over het gehele park. We bekeken het aanbod aan achtbanen en kwamen tot de conclusie dat Paramount een mooie verzameling had. Een paar leken ons saai en vonden we lelijk, maar natuurlijk stonden deze ook op onze planning. Na de bezoek aan de Eifeltoren liepen we via Kidzville naar het gebied Congo. Vulcano, the Blast Coaster was onze eerste achtbaan. Dit was een hangende achtbaan waarbij je maar liefst twee keer werd afgeschoten. Een keer standaard en de andere keer ga je met een vaart recht de lucht in en kom je er via de krater de vulkaan weer uit. Het ziet er spectaculairder uit dan het werkelijk was. Hij was wel grappig, twee keer afschieten en recht omhoog. Verder was het baantje wat aan de saaie kant: een paar bochten en kurkentrekkers.
We liepen weer verder en kwamen uit bij Anaconda, een normale achtbaan. Het enige wat eigenlijk wel leuk was, was de drop. Verder was de baan erg langzaam. Martijn merkte op dat we eigenlijk gewoon verwend zijn qua achtbanen. Dan heb je bij de wat ‘normalere’ achtbanen niet het ‘WOW’ gevoel meer.
Naast de Anaconda stond The Italian Job Turbo Coaster. Deze baan is gebaseerd op de film The Italian Job. Je gaat zitten in een Mini Cooper-karretje en verder werd je alle kanten op geslingerd. Alleen het laatste stuk in het donker was wel leuk. Het leek wel de bochten in het donker soepeler verliepen. Ik had ondertussen wat hoofdpijn gekregen en gingen op zoek naar een bekertje. Dat werd alleen wat moeilijk, aangezien de meeste eettentjes nog dicht waren. Het was ondertussen toch al bijna 12 uur. Onze zoektocht werd beloond en we gingen even zitten. De hoofdpijn zakte wel, maar ging nog niet echt weg helaas. Toch gingen we weer verder met onze rollercoastertocht. We gingen in de rij staan voor Hyper Sonic XLC. De enige afschietbaan in Amerika welke gebruik maakt van perslucht. Deze rit wilden we graag frontseat doen. Het was ietsjes langer wachten, maar dat hadden we er graag voor over. We zagen alleen wel dat de mensen welke net uit het karretje stapten aan hun hoofd zaten. Een jongetje schreeuwde zelfs naar een bekende van hem welke de rit nog moest ervaren dat je hoofd op en neer geschud werd. Ik zag de bui al hangen en inderdaad, na de rit was mijn hoofdpijn weer vollop terug. Het afschieten zelf was super, het heuveltje op ook, maar er vanaf niet meer. Het karretje rammelde van alle kanten, je werd alle kanten op geslingerd en vooral tegen de zijkanten van je stoel. Ook met je hoofd. Daardoor was de herhalingsfactor enorm laag. Wederom ging ik even rustig zitten en mijn hoofdpijn zakte weer.
We gingen in de houten achtbaan Rebel Yell. Deze baan heeft twee treintjes tegelijkertijd rijden, alleen gaat het er dit keer niet om wie als eerste finisht, maar de ene gaat vooruit en de andere achteruit. We besloten veilig te beginnen en gingen in de rij staan voor vooruit. We waren vrij snel aan de beurt en stapten in het middelste karretje. De rit was erg leuk. Niet te pijnlijk, maar we schudden wel alle kanten op. Als ik een baby’tje had gehad, had ik die nu slagroom moeten geven. We vonden dat we nu ook de rit achterstevoren moesten proberen. Deze rit was nog veel leuker! Vooral in de buik onstonden vlindertjes. Het lachgehalte was enorm hoog. Niet pijnlijk, niet te veel geschud, gewoon erg leuk! Daarna liepen we naar de andere houten achtbaan Hurler. Bij deze baan was helemaal geen rij en konden zo instappen. Tijdens de rit ontstond er weer slagroom, maar nu in een negatieve zin. De bochten waren niet subtiel waardoor ik met mijn ribben tegen de zijkant sloeg. Dit deed behoorlijk pijn. Nadat ik weer bekomen was liepen we naar de laatste houten achtbaan van het park: Grizzly. Het was alleen goed zoeken waar nu de ingang precies zat. Hier was een iets langere rij, maar na toch maar liefst 5 minuten wachten waren wij aan de beurt. Ook deze houten achtbaan was niet leuk. Niet subtiel en niet soepel. Martijn begon wat lui te worden door het weer en ging liggen in het gras. Ik ging toen even rondlopen voor wat foto’s te maken. Ik stond bij Hyper Sonic XLC te kijken naar de launch en bij het derde karretje wat ik op de foto wilde zetten ging het mis. Hij bleef even op de top stilstaan en ging toen weer achteruit naar beneden! Dit was wazig om te zien. Helaas hebben we dit dus niet gefilmd. Medewerkers van de baan liepen naar het karretje en vroegen hoe het met de mensen die er inzaten ging. Er werden bekertjes water bij gehaald, want blijkbaar ging het niet helemaal prima. Uiteindelijk werd het karretje achteruit gereden en stapten de mensen uit. De twee meisje die voorin zaten leken in eerste instantie heel geschoken, maar nadat ze uitgestapt waren en naar hun ouders liepen waren ze vol enthousiast aan het vertellen wat ze net meegemaakt hadden. De Hyper Sonic XLC werd tijdelijk gesloten en begon met testritten. Na een test van een karretje of 12 mochten er weer mensen instappen. De baan verliep weer prima.
We liepen verder door het gebied Old Virginia en stapten in de ronde bootjes van White Water Canyon. Hier kwamen we doorweekt uit. Heerlijk! Het was namelijk ontzettend warm, dus afkoeling konden we wel gebruiken. Met een natte rug en bips liepen we naar ShockWave. Een achtbaan waarbij je niet zit, maar staat. Op zich een leuke ervaring: een staande achtbaan, maar deze was ook niet subtiel en soepel. Niet voor herhaling vatbaar dus. Ik kon me herinneren dat de staande baan welke we vorig jaar in Paramount Great America (bij San Francisco) ook niet leuk vonden, maar de staande baan in Six Flags Magic Mountain (bij Los Angeles) weer wel.
We hadden nu nog maar één achtbaan op onze planning, namelijk Avalanche. Tenminste op onze plattegrond leek deze een achtbaan, maar in werkelijkheid was het een soort van rodelbaan. Ik vond de rit erg leuk. Inmiddels was het bijna half 6 en we wilden graag op tijd uit het park zodat we op tijd een hotel konden zoeken. Op onze planning stond namelijk dat we in Hagerstown wilden overnachten en dit zou ongeveer drie uurtjes rijden zijn. Toen we naar de uitgang liepen, merkten we op dat we eigenlijk nog een attractie vergeten waren, namelijk Scooby-Doo & The Haunted Mansion. Bij deze attractie is het de bedoeling dat je, al rijdend in een karretje, met je lasergun zo veel mogelijk punten haalt. Natuurlijk had ik weer meer punten als Martijn. De attractie is niet spannend ofzo, maar wel leuk.
Toen liepen we toch echt naar de uitgang. Onderweg kochten we nog een ijsje en in de auto bekeken we het aanbod aan hotels in onze kortingboekjes. We zagen wederom een Super 8 Motel wat ons wel goed leek en stelde het adres in onze Tom Tom. De reistijd wat hij aangaf was net geen drie uurtjes. Onderweg stopten we nog om te tanken en namen we voor ieder een bakje sla en yoghurt mee en voor Martijn een extra bakje fruit en voor mij een extra bagel. De sla en yoghurt aten we op in de auto en de bagel en fruit bewaarden we nog voor ’s avonds in het hotel.
Na iets langer dan drie uurtjes rijden kwamen we aan bij Super 8 Motel. We liepen naar binnen en vroegen of er nog kamers waren en die waren er nog. Ze zouden 59 dollar per kamer kosten. Maar het bonnetje welke we hadden van 40,88 dollar per kamer accepteerde ze ook. Nadat we de kamer gezien hadden, checkten we in en haalden we onze koffers.
Martijn zette de TV aan en ik ging checkte de mail. Na een zaprondje op de TV bleven we hangen bij NGC. Hier was een ontzettend leuk en interessant programma voor ons, namelijk Supercoasters. Er kwamen een paar leuke achtbanen voorbij en ook nog een paar welke we nog tegen kwamen tijdens onze trip. Uiteindelijk gingen we om half 12 slapen.

06 juni 2006

Dag 11 – Busch Gardens Europe

Een uur voordat de wekker ging werden we wakker, maar waren te lui om al op te staan. Uiteindelijk stonden we, na een keer snoozen, om tien over 9 op. Na de douche liepen we naar het ontbijt. Wederom was het niet al te uitgebreid, maar hier hadden ze wel veel meer keuze. Zo hadden ze naast creamcheese en jam ook pindakaas en naast de jus d’orange en appelsap kon je ook kiezen voor bessensap. En heel belangrijk: ze hadden ook Frootloops! Na een paar bagels liepen we weer naar de kamer en pakten onze spullen. Om iets na half 11 zaten we in de auto. Iets verderop hadden we gisteren, toen we zochten naar een restaurant, al gezien dat er een outletcenter om de hoek van ons hotel zat. Even een korte tussenstop om te kijken naar een korte broek voor Martijn. Nu zijn broek van gisteren gescheurd was, had hij nog maar één korte broek en dat is natuurlijk te weinig. We vonden vrijwel meteen een leuk modelletje, alleen de maat. Tja, hier in Amerika heb je iets andere maten als bij ons. We vroegen de verkoper om hulp en hij bepaalde Martijn’s taille en lengte. Toen Martijn in het pashokje stond, bleek dat de broek best nog wel een maatje kleiner mocht. De broek zat prima en na een kwartiertje zaten we alweer op de snelweg richting Busch Gardens.
We kwamen om kwart over 11 aan bij de kassa en zagen een enorme rij. Naast de kassa’s stonden zelfserviceloketten, maar aangezien we een kortingsbon hadden van maar liefst 5 dollar per persoon, gingen we toch in de rij staan en dit duurde.. lang! Busch Gardens heeft blijkbaar nog niet door hoe men een goed systeem neer moet zetten. Normaal gesproken ga je gewoon in de rij staan voor een bepaald loket. Hier hadden ze een grote rij waarbij twee medewerkers vooraan je naar een bepaald loket verwees. Hierdoor ontstond een enorme vertraging. Vooral omdat er 14 loketten zijn, maar er werden er maar 6 gebruikt. Toen we ongeveer op de helft van de rij waren, schreeuwde een medewerker dat mensen zonder kortingsbonnen ook de zelfserviceloketten kon gebruiken. Bijna de helft verliet de rij. Wakker worden Amerika! Na precies een half uur wachten waren wij aan de beurt.
Nadat we de kassa overleeft hadden, liepen we naar de ingang. Wat meteen opviel aan Busch Gardens: de aankleding! Dat ziet er dus gewoon top uit. Busch Gardens Europe heeft, zoals de naam al doet vermoeden, verschillende Europeese landen als gebieden. Bij de ingang kon je meteen naar een show: Pirates 4-D. Deze 4D film hebben we dus al een keer of 5 gezien. Ook bij ons in Europa hebben ze deze film namelijk. Zelf vonden we de film niet zo leuk (in ieder geval niet leuk genoeg om hem nog een keer te zien). Dus liepen we als eerste naar het gebied van Italy. Ons eerste attractie was meteen een waterattractie: Escape from Pompeii. Hier ga je met een bootje omhoog maar dan niet, zoals we tot nu toe in elk pretpark gezien hebben meteen naar beneden, maar heb je boven ook nog een theming. Helaas werd je niet erg nat, maar ik vond hem wel erg leuk.
We liepen verder en kwamen uit bij Apollo’s Chariot, een hypercoaster. Ofwel hoog. We gingen in een rij staan met 8 mensen voor ons. Omdat Apollo’s Chariot vier stoelen heeft per bakje, zou je zeggen dat we snel aan de beurt waren. Helaas, het personeel was meer met kletsen bezig dan werken. Ook nadat er gecontroleerd was of iedereen vast zat, duurde het even voordat we werkelijk gingen. Zou dit nou typisch Busch Gardens zijn? Twee jaar terug bij Busch Gardens (Tampa) ging het ook al zo langzaam. Ook de baan zelf vonden we enorm langzaam. Hij was wel leuk qua hoogte en bochten, maar het karretje ging zooo langzaam. Met moeite kwam hij over de heuveltjes. Uiteindelijk deden we hem toch nog een keertje omdat we vanuit de rij mooie foto’s konden maken. En als je dan toch in de rij staat…
Daarna liepen we naar Roman Rapids. Het Piranha-systeem. De rij leek niet lang, maar eenmaal op de brug moest men zich splitsen in 1-2 personen en 3-6 personen. Aangezien we met z’n tweeën waren, gingen we dus in de rij van 1-2 personen staan. Het ronde bootje telde zes stoelen en de rij van 3-6 mocht steeds als eerste, waardoor onze rij na 5 minuten een centimeter of 5 naar voren was gegaan!! Dit vonden we echt te langzaam en liepen terug. Misschien dat we deze later op de dag konden doen.
We liepen verder van Italy naar Germany. Daar liepen we naar de rij van The Big Bad Wolf. Een achtbaan in een hangend karretje. Hier ging de rij wel vlotjes. We stapten in het achterste karretje. Op zich was deze attractie wel leuk, maar ook weer erg langzaam. Vooral het eerste gedeelte was traag.
Aangezien we honger hadden gekregen, liepen we naar Das Festhaus. We bestelden beide barbecue ribbetjes met rode kool, zuurkool, aardappeltjes en een broodje. Omdat ik niet zo van zuurkool hield, gaf ik mijn gedeelte aan Martijn.
Na het eten liepen we de Curse of DarkKastle The Ride binnen. In eerste instantie dachten we dat dit een valtoren was. Zo leek het in ieder geval op de plattegrond. Maar eenmaal voor het kasteel, zou dat niet kunnen. Het was namelijk maar een klein kasteel. We gingen in de rij staan en zagen op de monitoren dat er gebruik werd gemaakt van 3-D brillen en dat een karretjessysteem was. Zou dit dan hetzelfde zijn als Spider-Man in Island of Adventure (Florida)? Dat zou wel heel erg gaaf zijn. Toen we vooraan stonden, merkte Martijn op dat het in ieder geval wel dezelfde karretjes waren als Spider-Man. Onze rit begon en inderdaad, hetzelfde systeem als Spider-Man. Alleen was het thema nu geesten. Supergaaf. Spider-Man vind ik persoonlijk toch net iets spannender, maar de Curse of DarkKastle The Ride mag er ook zeker wezen. Hij belandt in ieder geval zeker in mijn top 5 van beste attracties.
We lopen weer door en komen uit in France. Hier gaan we in de Alpengeist. Een hangende achtbaan. Wederom vinden we hem erg langzaam, maar dit keer deed hij ook pijn. Totaal niet soepel en neemt de bochten niet subtiel. Hierna stapten we in de boomstambootjes van Le Scoot Log Flume. Helaas werden we hier ook niet echt nat, maar gelukkig wel nat genoeg voor wat afkoeling. Via de dieren in Jack Hanna’s Wild Reserve kwamen we uit in Ireland. Hier gingen we naar de 4-D simulator van Corkscrew Hill. Wederom een geweldige ervaring. Zo goed in elkaar gezet. We snapten niet dat Busch Gardens, naast de fantastische DarkKastle en deze geweldige Corkscrew Hill ook nog zo iets als de saaie Pirates 4-D erbij wilde hebben.
We liepen naar Scotland. Het laatste gebied waar we nog het Loch Ness Monster-achtbaan wilden doen. Ook deze baan was erg langzaam. Alleen tijdens de rit krijg je ook nog een klein stukje darkride. Dat hadden we niet verwacht. Dit kon je ook niet zien als je door het park loopt. Je gaat namelijk het donker in middenin het bos. Dat was dus echt een pluspuntje voor deze baan. Alleen advies voor lange mensen: stap in de voorste stoelen van het karretje. Daar kun je de benen namelijk kwijt. In de achterste stoelen van het karretje zit je helemaal opgevouwen. Onze eerste was dus in de achterste stoelen. Geen goede ervaring voor Martijn. Daarom deden we hem dus nog een keer. De rit was nog steeds gaap, maar Martijn zat in ieder geval wat losser.
Inmiddels was het kwart over 5 en om 18.00 uur zou het park gaan sluiten. Op zich hadden we alleen de Roman Rapids nog op het programma staan, maar we wilden ook nog graag de DarkKastle nog een keer doen. We besloten dat we de ronde bootjes prima konden missen en liepen weer naar het kasteel. Dit was nog een hele tocht. Doordat er een logische route ontstaat door de verschillende gebieden, heb je eigenlijk niet door hoe groot Busch Gardens eigenlijk is. Eenmaal aangekomen bij het kasteel, zagen we dat er vrijwel geen rij stond. We konden gelijk doorlopen naar de karretjes. Wederom een mooie ervaring. Eenmaal weer buiten bleek het nog steeds erg leeg. Oké, nog een keer dan maar!
Ondertussen was het kwart voor 6 en liepen naar de uitgang. Onderweg hebben we nog genoten van Funnel Cake met poedersuiker en aardbeien. Erg lekker. Het was 18.00 uur en dat was te merken. Het park stroomde leeg.
Toen we in de auto zaten, bekeken we het aanbod aan hotels bij Richmond. Als eerste reden we naar een Econo Lodge. Na iets langer als een uurtje rijden kwamen we aan bij het hotel. We liepen naar binnen en vroegen of ze nog kamers beschikbaar had. Dat had ze inderdaad. Maar toen we haar ons bonnetje liet zien, had ze alleen nog maar kamers over voor mensen met een AAA-kaart of Militaire korting. Goed, dan niet hè. We bladerde weer verder in ons boekje en zagen een Super 8 motel wat ons wel goed leek. Dit was ongeveer vijf minuten rijden vanaf het Econo Lodge hotel. Eenmaal aangekomen bij de Super 8 Motel liepen we naar binnen. De vrouw achter de balie zat achter gepanserd glas maar nam het bonnetje wel aan. Nadat we de kamer gezien hadden, handelde ze de administratieve dingen af.
We haalden de koffers uit de auto en zochten op de laptop met Streets and Trips op of er restaurantjes in de buurt waren. Uiteraard waren deze er, alleen zeiden deze namen ons niets. We besloten eerst naar La Grill te rijden. Na een paar minuten rijden stonden we voor La Grill, alleen leek deze dicht. Er zat namelijk niemand binnen. We besloten wat rond te rijden en uiteindelijk belandden we bij een KFC. We namen ieder een Chickenstrips menu en namen het mee naar ons hotel. Het smaakte prima. De TV ging aan en we bleven hangen op het Oxygenkanaal. Hier was The Janice Dickinson Modeling Agency aan de gang. Leuk programma. Uiteindelijk werd het iets na twaalf uur voordat we gingen slapen.